Kennis delen over herstel, behandeling en
participatie bij ernstige psychische aandoeningen

 

Over de brug

PvA EPA

Projectgroep Plan van aanpak ernstige psychische aandoeningen

Download hier het rapport

Download hier de publieksversie

Download hier de Engelstalige samenvatting

Over het Plan van aanpak verscheen een artikel in De Psychiater

Pauline Meurs, voorzitter voor de Raad voor Volksgezondheid en Zorg (RVZ) reageert op Over de brug en de Utrechtse  taskforce Volwaardig burgerschap en psychiatrie

Veranderend zorglandschap vraagt om ambitieuze aanpak van de zorg aan mensen met ernstige psychische aandoeningen

Op 14 oktober 2014 heeft Minister Schippers van VWS het rapport ‘Over de brug; Plan van aanpak voor de behandeling, begeleiding en ondersteuning bij ernstige psychische aandoeningen’ aan de Tweede Kamer aangeboden (begeleidende brief). Het rapport beschrijft wat nodig is om goede zorg gericht op het herstel van mensen met ernstige psychische aandoeningen beschikbaar en toegankelijk te houden in een sterk veranderend zorglandschap. Het Plan van Aanpak roept betrokken partijen op om de zorgbehoeften en mogelijkheden van deze mensen tot leidraad te maken voor de hulpverlening. Daarbij moeten de behandeling, begeleiding en ondersteuning zowel op landelijk als op lokaal niveau, goed op elkaar worden afgestemd. Dit vraagt om een proactieve, geïntegreerde aanpak in de regio, maar ook om het opstellen en toepassen van een landelijke kwaliteitsstandaard en innovatieprogramma voor de zorg aan deze groep. Zo kan de ambitie van aanzienlijk meer herstel, en de daaruit volgende vermindering van zorgbehoeften, worden bereikt.

Achterstanden inhalen
Nederland telt ongeveer 160.000 volwassenen met ernstige psychische aandoeningen. Daaronder vallen bijvoorbeeld ernstige psychotische stoornissen, bipolaire stoornis, en ernstige depressie en verslavingen. Zij hebben dezelfde levenswensen als andere burgers, maar verkeren doorgaans in een nadelige positie om deze te realiseren. Zo zijn er forse achterstanden in lichamelijke gezondheid en levensverwachting, behandeling, veiligheid, inkomen, arbeid en relaties. De zorg die zij nodig hebben is dus veelomvattend: naast medisch-psychiatrische behandeling hebben velen ook behoefte aan begeleiding en ondersteuning op het gebied van werk, onderwijs, wonen, sociale relaties en andere manieren om aan het maatschappelijk verkeer deel te nemen.

Kentering in het denken
Over de zorg bij ernstige psychische aandoeningen zijn in  de afgelopen jaren nieuwe inzichten ontstaan. Ten eerste is behandeling van psychiatrische symptomen niet langer het enige doel: het gaat evenzeer om het ondersteunen van ieders persoonlijke en maatschappelijke herstel. Ten tweede gaat het niet alleen om professionele zorg, maar ook om activiteiten die uitgaan van de eigen kracht, inzet en energie van mensen met ernstige psychische aandoeningen. Dit sluit aan bij het overheidsbeleid volgens welke burgers meer eigen verantwoordelijkheid voor hun gezondheid en welbevinden moeten nemen. Goede zorg betrekt ook de directe omgeving (familie en andere naastbetrokkenen). Daarvoor is een goed samenspel tussen de ggz en andere sectoren nodig. Voorts gaan behandeling en re-integratie steeds vaker hand in hand. Tot slot vraagt de achterstand van deze patiënten in lichamelijke gezondheid om betere integratie van psychiatrische en somatische zorg. Deze inhoudelijke uitgangspunten moeten leidend zijn bij de manier waarop de zorg wordt georganiseerd.

Gedeelde belangen en urgentie
Het zorglandschap gaat de komende tijd ingrijpend veranderen met de transities van de zorg naar de gemeenten en gelijktijdige ambulantisering binnen de ggz. Die veranderingen hebben grote gevolgen voor mensen met ernstige aandoeningen. Enerzijds bieden ze nieuwe mogelijkheden tot herstel en burgerschap, anderzijds dreigt het gevaar van vergaande versnippering en verschraling van de zorg aan deze groep. Bij ernstige psychische aandoeningen wordt de zorg vaak vanuit meerdere financieringskaders bekostigd: ZvW, AWBZ/WLZ, Wmo en justitie (voor patiënten met een forensische achtergrond) en re-integratiegelden vanuit de UWV en gemeenten. Ieder van deze financieringsbronnen heeft weer een andere uitvoerder, die zijn eigen eisen stelt aan de verantwoording. Ook zijn er verschillen in eigen risico en eigen bijdragen. Deze verscheidenheid in bekostiging en regelgeving vormt een groot knelpunt bij het realiseren van op individuele herstelprocessen toegesneden, integrale zorgverlening.

Nieuwe aanpak
De voorgestelde nieuwe aanpak moet garanderen dat goede zorg steeds toegankelijk en bereikbaar is voor alle mensen met ernstige psychische aandoeningen, zodat zij kunnen herstellen en als volwaardig burgers aan de samenleving kunnen deelnemen. Dit kan alleen slagen als alle betrokken partijen (ggz-aanbieders, gemeenten, zorgverzekeraars, patiënten- en familieorganisaties) de handen ineen slaan en ‘over de brug’ willen komen. Zorg kan het beste op een regionale schaal worden georganiseerd, in een veelzijdig netwerk van personen, functies en voorzieningen. Mensen met ernstige psychische aandoeningen en hun naastbetrokkenen verdienen een belangrijke positie in dit netwerk, als consument én als producent van hulpverlening, en zullen hun bijdragen onder meer vanuit regionale herstelacademies gaan leveren. Op landelijk niveau zijn nadere afspraken over de afstemming van wettelijke kaders en bijbehorende bekostigingssystemen gewenst. Daarnaast is het opstellen en toepassen van een landelijke kwaliteitsstandaard en een innovatieagenda van groot belang om de kwaliteit van zorg te kunnen garanderen en verbeteren.

Het rapport ‘Over de brug’ is onder auspiciën van Kenniscentrum Phrenos geschreven door een grote groep van experts op het gebied van ernstige psychische aandoeningen vanuit de verschillende betrokken sectoren in opdracht van de partijen van het Bestuurlijk Akkoord ‘toekomst ggz’. Het Bestuurlijk Akkoord is een initiatief van verschillende branche- en beroepsverenigingen, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en patiënten- en familieorganisaties in de ggz en het ministerie van VWS.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Chrisje Couwenbergh (projectsecretaris) ccouwenbergh@kcphrenos.nl.