Kennis delen over herstel, behandeling en
participatie bij ernstige psychische aandoeningen

 

Werk & ernstige psychische aandoeningen 2018

Hulpverleners zenden dubbele boodschappen uit over de mogelijkheden van hun cliënten met ernstige psychische problemen om aan het werk te komen
In 2016 had 5,4% van de volwassen bevolking van de VS een ernstige psychische stoornis (EPA). Slechts een kwart van hen heeft werk. Er zijn veel barrières om werk te krijgen voor deze groep o.a. discriminatie door werkgevers en angst bij cliënten dat het accepteren van (deeltijd of tijdelijk) werk hun rechten op uitkeringen in gevaar brengt. In deze Amerikaanse studie (n=221) werd onderzocht in hoeverre het personeel (hulpverleners en administratief personeel) van de instellingen voor ambulante ggz (CMCH’s) in New Hampshire mogelijk een barrière vormen voor het bereiken van het hersteldoel het vinden van werk voor de EPA-doelgroep. Van de 2218 werknemers van 4 CMCH’s vulden 221 personen een online survey in, waarvan de vragen gebaseerd waren op de Expectations for the Employability of People with Serious Mental Illness (EESMI). Van de respondenten was 74% hulpverlener (psychiater; verpleegkundige; maatschappelijk werker; casemanager). Deze groep schatte in dat 49% van hun cliënten bij de EPA-groep hoorde, dat 29% van deze groep aan het werk probeerde te komen en dat 30% van hen ook in staat was om te werken. De meeste respondenten vonden dat werk voor de EPA-groep veel voordelen had: meer betrokken bij de gemeenschap (66%), zelfbeeld van de cliënten wordt beter (64%) en de sociale contacten nemen toe (74%). Hoewel een meerderheid van de respondenten dacht dat de EPA-groep in staat was om te werken, dacht 30% van hen dat werkgevers hen niet wilden aannemen. Bijna de helft van de respondenten dacht dat de EPA-groep wilde werken om hun leven te verbeteren. Een groot deel van de hulpverleners heeft een dubbele opvatting over de mogelijkheden van de EPA-groep om aan het werk te komen. Het CMCH-personeel met een hogere opleiding stond veel positiever ten opzichte van de voordelen van werk voor de EPA-groep dan degenen met een lagere opleiding. CMCH-personeel staat niet onverdeeld positief ten opzichte van werk als hersteldoel.
Brucker DL, Doty M. (2018). Community mental health center staff attitudes about employment for persons with serious mental illness. Psychiatr Rehabil J. Oct 8.
Trefwoord: Werk & ernstige psychische aandoeningen

Binnen de groep volwassenen met ADHD hebben mannen die geen ernstige depressie hebben gehad de meeste kans op werk
De prevalentie van Attention Deficit Hyperactivity Disorder (ADHD) bij volwassenen is tussen de 3% en 5%. Mensen met ADHD hebben meer kans om werkloos te worden, maar het is niet duidelijk of dat aan ADHD-specifieke of ander factoren ligt. In deze Noorse studie (n=813) werd onderzocht welk deel van de patiënten met ADHD aan het werk kwam en/of bleef en welke factoren daarop van invloed waren. Alle deelnemers waren tussen 2005 en 2017 behandeld in een speciale privékliniek voor ADHD-patiënten. Van iedereen werd opgespoord: geslacht, huwelijkse staat, leeftijd, al dan niet samen met kinderen leven en al dan niet in een stad wonen. ADHD werd vastgesteld met behulp van de DSM-IV. De ernst van de ADHD-symptomen werd vastgesteld met de Adult ADHD Self-Report Scale (ASRS), het IQ met de WAIS-III test en ooit in het leven depressie gehad met de Mini International Neuropsychiatric Interview. De analyses werden met behulp van logistische regressie uitgevoerd. Van de deelnemers had 60% werk (mannen meer dan vrouwen). Dat is onder het gemiddelde van de Noorse bevolking (arbeidsparticipatie ligt tussen de 70% en 80%). In de in deze studie onderzochte groep bleek de arbeidsparticipatie geassocieerd te zijn met: van het mannelijk geslacht zijn, gehuwd zijn, met kinderen leven, het opleidingsniveau en een heel leven zonder een ernstige depressie. Er werden geen verbanden gevonden tussen het hebben van werk enerzijds en de ernst van de ADHD-symptomen, de hoogte van het IQ, de leeftijd en in de stad wonen anderzijds. Arbeidsparticipatie door volwassenen met ADHD lijkt meer geassocieerd te worden met sociale kenmerken en een historie met depressie dan met ADHD-symptomen of het IQ.
Anker E, Halmøy A, Heir T. (2018). Work participation in ADHD and associations with social characteristics, education, lifetime depression, and ADHD symptom severity. Atten Defic Hyperact Disord. Sep 5.
Trefwoord: Werk & ernstige psychische aandoeningen

Werk hebben vergroot bij jongeren met een ernstige psychische aandoening gevoel van eigenwaarde, zelfvertrouwen en positief zelfbeeld
Uit recente schattingen komt naar voren dat 55% van de volwassenen met een ernstige psychische aandoening (EPA) tussen de 18 en 64 jaar (parttime) werk heeft, tegenover 76% van de algemene bevolking. Er is relatief weinig bekend welke waarde jongvolwassenen met EPA toekennen aan het hebben van werk. In deze Amerikaanse studie werden met behulp van ervaringsdeskundigen interviews gehouden met deelnemers aan drie verschillende soorten arbeidsbegeleidingsprojecten (n=57; 18-30 jaar). De geïnterviewden volgden een traject bij een Arbeidsrehabilitatie-, een Individuele Plaatsing en Steun (IPS)- of een Clubhouse programma. De data werden geanalyseerd met behulp van een thematische analyse benadering. De antwoorden op de vraag ‘Wat betekent werk voor je?’ kunnen in vier categorieën worden ingedeeld: 1.Werk geeft financiële onafhankelijkheid van de familie en het geeft ook een gevoel van stabiliteit; 2. Psychologische functies: werk geeft het gevoel van een doel te hebben, van belang te zijn; werk kan ook een gevoel van identiteit geven; werk biedt structuur aan de dag; 3. Sociale functies: werk geeft stabiliteit en een gevoel van verbondenheid; op het werk kunnen er relaties worden opgebouwd; 4. Herstel: alleen Latino’s gaven aan dat werk een positieve omgeving is die kan bijdragen aan het omgaan met en overwinnen van hun diagnose. Werk geeft de mogelijkheid om zich sociaal te engageren en kan het gevoel geven aan de maatschappij bij te dragen. Voor sommige jongvolwassenen draagt het hebben van werk bij aan hun gevoelens van eigenwaarde, hun zelfvertrouwen en een positiever zelfbeeld. De auteurs merken op dat IPS erg gericht is op het snel vinden van betaald werk, maar gezien de psychologische en sociale betekenissen die er door de cliënten aan werk worden toegekend zou het beter zijn langer door te zoeken naar een baan die ook meer aan die behoeftes voldoet.
Torres Stone RA, Sabella K, Lidz CW, McKay C, Smith LM. (2018). The meaning of work for young adults diagnosed with serious mental health conditions. Psychiatr Rehabil J. Dec;41(4):290-298.
Trefwoord: Werk & ernstige psychische aandoeningen

IPS-cliënten ervaren en duiden werk-gerelateerde stress bijna op dezelfde wijze als de algemene bevolking
Individuele Plaatsing en Steun (IPS) programma’s zijn effectief voor het vinden van regulier betaald werk voor mensen met ernstige psychische aandoeningen. Toch blijkt ongeveer de helft van de voortijdig beëindigde arbeidsovereenkomsten met IPS-cliënten tegen de zin van de deelnemers plaats te vinden. Volgens de auteurs van dit Canadese onderzoek (n=16) kan dat te maken hebben met werk-gerelateerde stress. In het kader van het IPS-model wordt hier nog geen aandacht aan besteed. In dit onderzoek werd middels interviews in kaart gebracht hoe IPS-cliënten werk-gerelateerde stress omschrijven en ervaren, of ze verschillende soorten stress konden benoemen en hoe ze omgaan met de verschillende soorten stress. De data werden geanalyseerd met behulp van de grounded theory. Er kwamen vier thema’s uit naar voren: 1. Wat is de perceptie van de deelnemers van de aard en de oorsprong van de stress. 2. Wat is volgens de deelnemers de impact van de stress. 3. Hoe gaan de deelnemers om met de stress. 4. Impact van de werkervaring van de deelnemers op hun perceptie van de stress. De IPS-cliënten omschrijven stress vaak zoals dat algemeen begrepen wordt: het resultaat van voortdurende spanning of een incongruentie tussen inspanningen en beloningen, hoop en realiteit. Stress die op deze wijze ervaren wordt kan psychiatrische symptomen verergeren. Maar soms is er ook sprake van ‘goede stress’; dit is hanteerbare stress waardoor de prestaties verbeteren. De belangrijkste coping-mechanismen die genoemd werden waren: negatieve emoties met anderen delen, het liefs met collega’s op de werkvloer; het belang van het werk herkaderen; of stressvolle stimuli helemaal vermijden. De eerste twee genoemde strategieën dragen bij aan de versterking van het zelfvertrouwen en behoud van het werk. Aan het werk blijven droeg het meest bij aan het verminderen van de werk-gerelateerde stress.
Besse C, Poremski D, Laliberté V, Latimer E. (2018). The meaning and experience of stress among supported employment clients with mental health problems. Health Soc Care Community. 2018 May;26(3):383-392.
Trefwoord: Werk & ernstige psychische aandoeningen

Noorse variant op IPS-interventie effectief voor vinden van werk en/of opleiding voor personen met een eerste psychotische episode
De Individuele Plaatsing en Steun (IPS) interventie is veel effectiever dan andere methodes voor het vinden van werk voor personen met psychische problemen. Uit meta-analyses blijkt dat in Noord-Amerika 62% van de IPS-deelnemers regulier betaald werk vindt, tegenover 47% in Europese landen. Dit hangt samen met de lokale sociale wetgeving. In deze Noorse prospectieve studie (n=66 totaal) werd de effectiviteit van een Noorse variant van IPS op het vinden van werk en/of een opleiding voor personen met een vroege psychose vergeleken met die van de traditionele begeleiding. Omdat het in Noorwegen verboden is om tijdelijke arbeidscontracten af te sluiten kan IPS niet volgens het model worden toegepast. Het Noorse Job-and SchoolPrescription (JSP) maakt gebruik van stagecontracten als opstart voor regulier betaald werk, flexibele overgangen tussen opleiding en werk en vice versa, en is erop gericht in een heel vroeg stadium van de psychose de interventie aan te bieden. Verder wordt het IPS-model zoveel mogelijk gevolgd. Voor dit project was slechts voor 1 jaar financiering voor begeleiding op het werk (of stage). Wel werd er na 1 jaar én na 2 jaar naar de uitkomsten gekeken. De primaire uitkomstmaat was het aantal weken dat er regulier betaald werk was verricht. Symptomen werden gemeten met de PANSS, diagnoses werden vastgesteld met de Structural Clinical Interview for the DSM-IV (SCID), werk en opleidingsuitkomsten met de Level of Functioning scale. Verder werden afgenomen: de Drake Clinician Alcohol/Drug Use Rating Scale en de International Working group on Schizophrenia criteria. In vergelijking met de controlegroep had na 1 jaar een significant groter percentage van de JSP-deelnemers regulier betaald werk (46% vs 7%) of volgde een opleiding (50% vs. 17%) voor meer dan 20 uur per week. Na 2 jaar waren de verschillen verdwenen. De mate van symptomen had geen invloed op de uitkomsten. De JSP-interventie is veelbelovend voor Noorwegen.
Ten Velden Hegelstad W, Joa I, Heitmann L, Johannessen JO, Langeveld J. (2018). Job- and schoolprescription: A local adaptation to individual placement and support for first episode psychosis. Early Interv Psychiatry. 2018 Jun 11.
Trefwoord: Werk & ernstige psychische aandoeningen

Werkloze mensen met psychische problemen die hun potentiële werkgever niet over hun problemen informeren vinden eerder werk
Mensen met psychische problemen zijn vaak werkloos en vinden moeilijk werk. Voor een deel is dat te wijten aan een discriminerende houding bij werkgevers ten aanzien van sollicitanten met psychische problemen. Keuzehulpen met afwegingen over of en wanneer werkgevers te informeren, zoals de CORAL (Verzwijgen of vertellen), kunnen op korte termijn tot betere uitkomsten leiden. In deze Duitse studie werden eerst via advertenties werkzoekenden met psychische problemen geworven (n=301) en getest op de mate van hun psychische problemen en na 6 maanden weer benaderd met de vraag of ze werk hadden en welke strategie (verzwijgen of vertellen) ze hadden gekozen als ze een sollicitatiegesprek hadden gevoerd. De werkzoekenden werden alleen tot de studie toegelaten als ze hoger dan 13 op de K6 Psychological Distress Scale scoorden of hoog op de CAGE-AID. Daarnaast moesten ze boven de 17 scoren op de World Health Organisation Disability Assessment Schedule 2.0 (WHO-DAS). Ook werd de Duitse versie van de Center for Epidemiologic Studies Depression Scale (CES-D) afgenomen en nagevraagd hoeveel tijd ze wekelijks aan het zoeken naar werk besteedden. Ook werd gevraagd hoe prettig ze zich voelden bij het informeren van de werkgever over hun psychische gezondheid. De analyses werden gedaan met behulp van logistische regressie modellen. Na correctie op sociaal-demografische variabelen, duur van de werkloosheid en depressieve symptomen, werden de significante voorspellers van het hebben van werk na 6 maanden berekend: een grotere weerstand om iets over de eigen psychische problemen te vertellen voorspelde voor een groot deel het weer aan het werk zijn. Het weer vinden van werk werd ook geassocieerd met : mannelijk geslacht, betere opleiding, minder symptomen en groter arbeidsverleden.
Rüsch N, Corrigan PW, Waldmann T, Staiger T, Bahemann A, Oexle N, Wigand M, Becker T. (2018). Attitudes Toward Disclosing a Mental Health Problem and Reemployment: A Longitudinal Study. J Nerv Ment Dis. 2018 May;206(5):383-385.
Trefwoord: Werk & ernstige psychische aandoeningen

Uniek Nederlands samenwerkingsproject om IPS breed te implementeren
Individual Placement and Support (IPS) is een bewezen effectieve interventie om mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen (EPA) aan regulier betaald werk te helpen. Toch blijkt het moeilijk om IPS te implementeren. Belangrijke obstakels hierbij zijn een gebrek aan financiering en samenwerking tussen de organisaties die betrokken zijn bij IPS. Om de IPS-implementatie te bevorderen, is er in 2014 in Nederland een samenwerkingsverband gestart tussen GGZ inGeest en Arkin (Amsterdam), het UWV (kantoor Amsterdam en Haarlem), de Gemeente Amsterdam en zorgverzekeraar Achmea. Doel van dit samenwerkingsverband is het wegnemen van de obstakels door een financiële en een organisatorische implementatiestrategie toe te passen. De financiële strategie houdt in dat er een IPS-financiering is met een ‘pay for performance’ element. De organisatorische strategie houdt in dat er structureel overleg is tussen de betrokken organisaties op a. managementniveau tussen managers, beleidsmedewerkers en adviseurs en op b. uitvoerend niveau tussen IPS trajectbegeleiders, verzekeringsartsen, arbeidsdeskundigen en casemanagers. In deze kwalitatieve exploratieve Nederlandse studie werden 15 stakeholders (managers en uitvoerenden) geïnterviewd over de implementatie en voortgang van dit project. Uit de interviews komt naar voren dat het project wordt gefaciliteerd door de sterke kernprincipes van het IPS-model, het reguliere overleg tussen de verschillende stakeholders waardoor ze zich ook ‘eigenaar’ van dit project voelen, de betrokkenheid van de managers en de zekere financiering. Als obstakels worden ervaren: de rigiditeit van de IPS-modelgetrouwheidsschaal, de tijdelijke en gefragmenteerde financiering, het gebrek aan communicatie tussen de managers en de uitvoerenden en de opvatting van veel ggz-hulpverleners dat regulier betaald werk voor hun cliënten niet haalbaar is. Over de invloed van de Participatiewet werd zeer verschillend gedacht. Zie ook: https://www.kcvg.nl/nl/onderzoeken/lopend-onderzoek/96-evaluatie-van-een-implementatiestrategie-voor-individual-placement-and-support-voor-mensen-met-ernstige-psychiatrische-aandoeningen
Vukadin M, Schaafsma FG, Westerman MJ, Michon HWC, Anema JR. (2018). Experiences with the implementation of Individual Placement and Support for people with severe mental illness: a qualitative study among stakeholders. BMC Psychiatry. 2018 May 24;18(1):145.
Trefwoord: Werk & ernstige psychische aandoeningen

Binnen IPS-trajecten lijkt Foutloos Leren interventie gericht op werk-gerelateerde gedragsproblemen effectief
Hoewel het Individuele Plaatsing en Steun (IPS)-model het meest effectieve arbeidsrehabilitatiemodel voor personen met ernstige psychische aandoeningen is, loopt de duur van de arbeidscontracten sterk uiteen. Dat kan te maken hebben met gedragsproblemen op de werkvloer. In deze Amerikaanse studie (n totaal=162) werd in twee parallelle RCT-studies de effectiviteit onderzocht van een aan het IPS-traject toegevoegde foutloos leren interventie gericht op het verminderen van gedragsproblemen. Foutloos Leren is een instructiemethode waarbij fouten tijdens het leren van nieuwe kennis of vaardigheden zoveel mogelijk wordt voorkómen. Hierdoor wordt tijdens de aanleerfase alleen de goede respons opgeslagen en onthouden. In de RCT kregen de deelnemers óf IPS + foutloos leren interventie (3 à 4 weken; op het werk)(IPS-FL-groep) óf alleen IPS (IPS-groep). Er werd op baseline en na 12 maanden gemeten. De belangrijkste uitkomstmaten waren: lengte van arbeidscontracten, werkgedrag en aantal gewerkte uren en verdiensten per week. De werkproblemen werden op baseline vastgesteld met behulp van de Work Behavior Inventory (WBI). De WBI werd ook na 12 maanden afgenomen. Voor iedere deelnemer in de interventiegroep werd een individueel trainingsplan opgesteld. Het bleek dat de IPS-FL-groep significant langer had gewerkt dan de IPS-groep (32,8 weken tegenover 25,6 weken). Van de IPS-FL-groep behield 40,7% in de 12 maanden van het onderzoek dezelfde baan, terwijl dit voor 13,8% van de IPS-groep gold. In de IPS-FL-groep verbeterden de werk-gerelateerde gedragsproblemen met 50,5% tegenover 27,4% in de IPS-groep. Uit een hiërarchische multiple regressie analyse bleek dat 18,3% van de variantie met betrekking tot het aantal gewerkte weken verklaard kan worden door sociale vaardigheden.
Kern RS, Zarate R, Glynn SM, Turner LR, Smith KM, Mitchell SS, Sugar CA, Bell MD, Liberman RP, Kopelowicz A, Green MF. (2018). Improving Work Outcome in Supported Employment for Serious Mental Illness: Results From 2 Independent Studies of Errorless Learning. Schizophr Bull. 2018 Jan 13;44(1):38-45.
Trefwoord: Werk & ernstige psychische aandoeningen

In de VS is op verschillende settings aandacht voor begeleid leren voor jongeren met ernstige psychische problemen
Er zijn in de afgelopen jaren meerdere begeleid leren modellen ontwikkeld, zoals het Choose-Get-Keep-model, de Coordinated Specialty Care (CSC) programma’s of begeleid leren als integraal onderdeel van een Individual Placement and Support (IPS) traject. In deze Amerikaanse studie wordt beschreven hoe in drie totaal verschillende settings jongeren en jong volwassenen met psychische problemen worden ondersteund om hun opleidingsdoelen te halen. Doel is om er achter te komen aan welke kenmerken een begeleid leren traject minimaal moet voldoen. De volgende omgevingen werden onderzocht: 1. Early Assessment and Support Alliance (EASA): een programma in de staat Oregon voor jongvolwassenen die eerste psychose doormaken; 2. Learning Enhancement and Resource Network (LEARN): een begeleid werken + begeleid leren programma in New Jersey voor iedereen die door de ambulante ggz wordt behandeld; 3. Universiteit van Minnesota: algemene ondersteuning op de campus voor studenten die psychische problemen hebben. Het blijkt dat begeleid leren initiatieven op systeemniveau en op operationeel niveau ondersteund moeten worden. De geïnterviewde deelnemers (jongeren en jongvolwassenen) waren op alle drie de omgevingen tevreden met steun die ze gekregen hadden. Op alle plaatsen waren drie systemische voorwaarden aanwezig: a. erkenning van het belang van academisch succes voor jongvolwassenen; b. aanwezigheid van inspirerend leiderschap voor begeleiding van jongvolwassen met problemen; c. stabiele en lange termijn financiering. Deze voorwaarden zijn met elkaar verbonden. Begeleid leren kan op verschillende settings op verschillende manieren vorm krijgen.
Biebel K, Ryder-Burge A, Alikhan S, Ringeisen H, Ellison M. (2018). Strategies to Support the Education Goals of Youth and Young Adults with Serious Mental Health Conditions: A Case Study. Adm Policy Ment Health. 2018 Jul;45(4):661-671
Trefwoord: Werk & ernstige psychische aandoeningen