Kennis delen over herstel, behandeling en
participatie bij ernstige psychische aandoeningen

 

Werk & ernstige psychische aandoeningen 2011

Motivatietraining ter stimulering van wandelactiviteiten heeft resultaat bij personen met een schizofreniespectrum stoornis
In de VS hebben zo’n 2 miljoen personen een schizofreniespectrum stoornis (SSS). Velen van hen slikken tweede generatie antipsychotica die o.a. gewichtstoename en diabetes als veel voorkomende bijwerkingen hebben. Deze personen doen over het algemeen zeer weinig aan sport of lichaamsbeweging. In deze studie wordt bekeken of de speciaal ontworpen motivatie-interventie WALC-S (N=48) de SSS er meer toe aanzet om aan een wandelprogramma deel te gaan nemen en het vol te houden dan een controle groep (N=49). WALC-S staat voor: 1. Het geven van informatie over wandelen (W); 2. Sensaties (die door een warming-up opgeroepen worden) bespreekbaar maken (A); 3. Informatie geven over de voordelen van lichaamsbeweging (L); 4. Deelnemers werden geattendeerd op de wandeldagen (C). De S staat voor Schizofrenie. Het blijkt dat de deelnemers aan de interventiegroep significant vaker en langer deelnamen aan het wandelprogramma dan de controlegroep. Ze maakten ook duidelijk meer wandelminuten. Beebe LH, Smith K, Burk R, McIntyre K, Dessieux O, Tavakoli A, Tennison C & Velligan D (2011).Effect of a Motivational Intervention on Exercise Behavior in Persons with Schizophrenia Spectrum Disorders. Community Mental Health Journal. 47 (6), 628-636 Trefwoord: Psychotische aandoeningen w.o. schizofrenie

Personen die van plan zijn aan een Supported Employment (SE) project deel te nemen scoren hoog op empowerment schaal
In deze cross-sectionele Zweedse studie (N=120) werd bij personen met schizofrenie die hadden aangegeven te willen deelnemen aan een SE-project het verband opgespoord tussen de mate van empowerment en hun niveau van dagelijkse sociale activiteiten, ervaren stigma, psychopathologie en kwaliteit van leven. De mate van empowerment werd gemeten met de Empowerment Scale (hoe hoger de score des te meer empowered), kwaliteit van leven met de Manchester Short Assessment of Quality of Life (MANSA), betrokkenheid bij dagelijkse activiteiten en maatschappelijk leven met de Profile of Occupational Engagement Scale (POES), ervaren stigma met de Zweedse versie van de Rejection Experience Scale en psychopathologie met de Brief Psychiatric Rating Scale (BPRS). Hoge scores op de Empowerment Scale worden geassocieerd met minder psychiatrische symptomen, minder ervaren stigma, een hoger niveau van sociale betrokkenheid en een hoger kwaliteit van leven. Personen die discriminatie willen vermijden zullen zich niet zo snel melden voor een SE-project. Degenen onder hen die wel willen werken kunnen geholpen worden met Motivational Interviewing. Het evalueren van de mate van empowerment kan helpen om de interpersoonlijke en maatschappelijke dimensies van SE-deelname in beeld te krijgen. Bejerholm U & Björkman T (2011). Empowerment in supported employment research and practice: Is it relevant? International Journal of Social Psychiatry 57 (6), 588-595. Trefwoord: Werk en EPA

Een hogere opleiding en langer arbeidsverleden voorspellen een hoger uurloon bij personen met psychische problemen (depressie of angst)
Volgens de Human Capital Theory wordt het totale inkomen dat iemand in zijn leven verdient voor een groot deel bepaald door de jaren aan opleidingen die deze persoon gevolgd heeft (‘rate of return’). In de VS hebben personen met een psychiatrische stoornis bijna drie keer zo weinig hun middelbare school afgemaakt dan het gemiddelde van de bevolking. Werkloosheid onder deze groep is erg groot. In deze studie werd gekeken of bij een groep werkzoekenden die volgens henzelf aan een psychisch probleem lijdt (SIMI) (N=100) er een verband is tussen opleiding en gemiddeld uurloon als ze weer aan werk kwamen. Deze groep werd vergeleken met een groep werkzoekenden zonder psychische problemen (N=110). Bijna alle SIMI-leden hadden volgens henzelf òf depressie, òf bipolaire- of angststoornis (gehad). Na zes maanden bleek van beide groepen meer dan 60% werk gevonden te hebben. Gemiddeld verdienden de groep zonder psychische problemen significant meer. Binnen de SIMI-groep was er alleen een duidelijk verband tussen de hoogte van het uurloon en de genoten opleiding en de lengte van het arbeidsverleden. De ernst van de symptomen en de diagnose hadden geen voorspellende waarde. Een mogelijke reden dat de SIMI-groep minder verdiende kan zijn dat deze mensen over het algemeen minder verantwoordelijke banen nemen. De auteurs suggereren dat het de moeite kan lonen eerst in opleiding te investeren voordat mensen met psychische problemen een arbeidsbegeleidingstraject worden ingestuurd.Gao N, Schmidt LT, Gill KJ & Pratt CW (2011). Building Human Capital to Increase Earning Power among People Living with Mental Illnesses. Psychiatric Rehabilitation Journal 35 (2), 117-124. Trefwoord: Werk en EPA

Uitgangspunten van IPS botsen gedeeltelijk met de procedures van de Zweedse verzorgingsstaat voor werkloze psychiatrische patiënten
In deze Zweedse studie werden 60 personen van de interventie-arm van een RCT naar de effectiviteit van de van oorsprong Amerikaanse Individual Placement and Support (IPS) interventie nauwgezet gevolgd in hun interactie met de Zweedse Social Insurance Agency (SIA) en de Public Employment Service (PES), die verantwoordelijk zijn voor de arbeidsrehabilitatie van langdurige werklozen (en dus ook voor de psychiatrische patiënten onder hen). De Zweedse overheid hanteert het principe ‘eerst trainen dan plaatsen’ terwijl het centrale uitgangspunt van IPS ‘eerst plaatsen (op een werkplek) dan gaan trainen’ is. De volgende uitgangspunten van IPS staan opgespannen voet met de manier waarop de SIA en de PES werkloze psychiatrische patiënten begeleid: regulier betaald werk is de belangrijkste focus en de wens van de cliënt om zo snel mogelijk werk te krijgen staat centraal. Vooral in de wijze waarop de werkcapaciteit van de cliënt wordt ingeschat lopen de visies van de SIA/PES-begeleiders en de IPS-arbeidsbegeleiders sterk uiteen. Het soort uitkering dat een cliënt heeft kan grote invloed hebben op het al dan niet slagen van het IPS-traject in Zweden. Het gaat bij het invoeren van IPS niet alleen om het modelgetrouw invoeren, maar ook om instructies om rekening te houden met de specifieke maatschappelijke context. Bejerholm U, Larsson L & Hofgren C (2011). Individual placement and support illustrated in the Swedish welfare system: A case study. Journal of Vocational Rehabilitation 35 (1), 59-72. Trefwoord: Werk en EPA

Nog te weinig robuust bewijs dat IPS ook in Verenigd Koninkrijk (VK) effectief is
Meer dan 40% van alle arbeidsongeschiktheidsuitkeringen in het VK zijn gerelateerd aan psychische problemen. Het (weer) aan het werk krijgen van deze doelgroep heeft hoge politieke urgentie. Het doel van deze systematische review was het verzamelen en beoordelen van alle Britse evidentie naar de effecten van de oorspronkelijk Amerikaanse Individual Placement and Support (IPS) interventie. Er werden maar 5 studies gevonden die aan de inclusiecriteria voldeden. Bij de beoordeling werd de door NICE ontwikkelde critical appraissal gebruikt. De evidentie die in de twee kwalitatief beste studies werd gevonden wijst duidelijk in de richting dat IPS in het VK effectiever is in het aan regulier betaald werken helpen van personen met psychische problemen dan andere methoden van arbeidsrehabilitatie: Burns et al (2007) is een Europese multi-centre studie waarbij 48% (n=12) van de Londense IPS-deelnemers aan regulier betaald werk kwam tegenover 16% (n=4) van de controlegroep. Howard et al (2010) vonden na 1 jaar geen significante verschillen tussen de IPS-groep (14% aan het werk) en de controlegroep (8%). Als de community mental health teams IPS in hun aanpak integreren kan het veel effectiever worden. Er lopen nog drie effectstudies naar IPS in het VK.Heffernan &, Pilkington P (2011). Supported employment for persons with mental illness: Systematic review of the effectiveness of individual placement and support in the UK. Journal of Mental Health 20 (4), 368–380. Trefwoord: Werk en EPA

Het IPS-model bestaat 20 jaar maar kan op vele onderdelen nog worden verbeterd
Dit artikel is de inleiding van een speciaal nummer over 20 jaar Individual Placement and Support (IPS)-model: het meest succesvolle (Amerikaanse) arbeidsrehabilitatie-model voor personen met ernstige psychiatrische aandoeningen. Het wordt hier apart beschreven omdat er naast een korte bespreking van de artikelen van het speciale nummer ook een aantal thema’s wordt genoemd waarop meer onderzoek gewenst is. Aan de orde komt o.a.: 1. De wensen van de individuele cliënt moeten centraal staan: er is meer onderzoek nodig naar perspectieven vanuit cliënten. 2. De optimale rol van de familie in het herstelproces moet nog duidelijker worden. 3. IPS-begeleiders en arbeidsrehabilitatie counselors moeten beter leren samenwerken. 4. Er is meer onderzoek nodig naar de motieven van werkgevers om al dan niet werknemers met een psychische stoornis aan te nemen. 5. De wijze waarop de klinische hulpverlening is georganiseerd moet geïntegreerd worden met rehabilitatie. 6. Sociale stelsels staan nog vaak in de weg om personen via IPS aan het werk te krijgen. 7. Er moet meer zicht komen waarom minimaal een derde van de IPS-deelnemers toch niet aan regulier betaald werk komt. Drake RE &. Bond GR (2011). IPS Support Employment: A 20-Year Update. American Journal of Psychiatric Rehabilitation.14 (3), 155-164 Trefwoord: Werk en EPA

Speciaal nummer over 20 jaar IPS met aandacht voor de stakeholders en barrières voor succes
Themanummer met zes artikelen en een inleiding. Een van de artikelen wordt apart beschreven (Jones ). Swanson et al gaan in op de barrières die stakeholders –zoals beleidsmakers in de GGz- ondervinden bij het implementeren van IPS, afhankelijk van de locale omstandigheden. Strategieën om deze barrières te nemen worden besproken. Drebing et al onderzochten hoe het proces verloopt van erkennen van werkbehoefte naar instromen in arbeidsrehabilitatietrajecten, gebaseerd op naturalistische data. Glover et al bekijken welke specifieke competenties succesvolle arbeidsbegeleiders binnen IPS-programma’s hebben. Er komen zes kerncompetenties boven drijven: time management, betrokkenheid bij doelgroep, ze bouwen goede samenwerking op met de cliënten, ze werken als deel van een team, ze hebben persoonlijk contact met werkgevers en ze kunnen goed netwerken. Becker et al formuleren een benchmark voor de resultaten van IPS-programma’s: minimaal moet 33% van de deelnemers aan regulier betaald werk komen, een zeer goed resultaat wordt bij 57% toegekend. Haslett et al testen de hypothese dat er op het platteland minder regulier betaald werk voor IPS-deelnemers is te vinden dan in de stad. Swanson S et al; Drebing CE et al; Glover CM et al; Becker DR et al; Haslett WR et al. Special Issue: IPS Supported Employment. American Journal of Psychiatric Rehabilitation.14 (3), 165-244. Trefwoord: Werk en EPA

Veelbelovend nieuw Nederlands instrument om zelfmanagement strategieën bij arbeidsrehabilitatie in kaart te brengen
Uit onderzoek is gebleken dat personen met ernstige psychiatrische aandoeningen (EPA) die succesvol in hun werk zijn, goed zijn in het ‘zelf managen’ van hun stoornis. Het lijkt zinvol om een instrument te ontwikkelen waarmee zelfmanagement strategieën kunnen worden opgespoord, opdat gerichte interventies kunnen worden verricht om mensen voor werk-uitval te behoeden. In deze Nederlandse studie worden de uitkomsten van de eerste betrouwbaarheids- en validiteitstesten van het Illness Self-Management assessment in Psychiatric Vocational Rehabilitation (ISM-PVR) instrument besproken (testgroep N=26). Het instrument bestaat uit drie zelf-rapportage vragenlijsten en een interview tussen de deelnemer aan het arbeidsrehabilitatietraject en zijn arbeidsbegeleider. De ISM-PVR brengt in beeld: 1. Welk specifiek doel wil de deelnemer op werkgebied bereiken; 2. Welke aan de psychische stoornis gerelateerde barrières belemmeren het behalen van dit doel; 3. Welke coping- en zelfmanagement strategieën worden ingezet om met deze barrières om te gaan. Het blijkt dat de validiteit en betrouwbaarheid van de meeste schalen matig tot hoog zijn (Cronbach alpha’s van 0.52 tot 0.87). Omdat de ISM-PVR de zelfmanagement strategieën goed identificeert, en omdat deze vaak contra-productief zijn, kan het een waardevol instrument zijn voor deelnemers aan arbeidsrehabilitatietrajecten. Michon HWC, Van Weeghel J, Kroon H &. Schene AH (2011). Illness Self-Management Assessment in Psychiatric Vocational Rehabilitation. Psychiatric Rehabilitation Journal 35 (1), 21-27. Trefwoord: Werk en EPA

Het op de werkplek bekend maken dat men aan een ernstige psychische stoornis lijdt heeft wisselende gevolgen
Gezien het heersende stigma zijn werknemers met een psychische stoornis huiverig om bekend te maken dat ze zo’n stoornis hebben. Om in de VS gebruik te kunnen maken van speciale aanpassingen volgens de Americans with Disabilities Act uit 1990 is het noodzakelijk om te onthullen dat je een stoornis hebt. In deze literatuurreview worden onderzoeksresultaten besproken over de volgende thema’s: 1. Hoe gaat het onthullen in de concrete werkpraktijk? 2. Wat voor gevolgen heeft het onthullen voor de werknemer met een psychische stoornis? Van mensen in arbeidsrehabilitatieprogramma’s wordt de stoornis door arbeidsbegeleiders aan werkgevers bekend gemaakt. Personen met duidelijk zichtbare symptomen hebben het liefst dat hun stoornis bij de werkgever bekend is. Over het algemeen wordt de stoornis vooral aan leidinggevenden in het bedrijf bekend gemaakt. De mate waarin personen met een psychische stoornis dit op de werkplek bekend maken loopt van 35% tot 87%. Het bekend maken van de stoornis leidt vaak tot meer begrip en ondersteuning, maar het komt ook wel voor dat de relatie met directe collega’s op de werkvloer veel gespannener wordt. Dit artikel maakt deel uit van het speciale nummer over 20 jaar IPS. Amanda M. Jones (2011). Disclosure of Mental Illness in the Workplace: A Literature Review. American Journal of Psychiatric Rehabilitation 14 (3), 212-229. Trefwoord: Werk en EPA

Ervaringsdeskundige hulpverleners hebben even goede (behandel)resultaten als traditionele GGZ-hulpverleners
In deze systematische review (SR) werden gecontroleerde studies opgespoord en beoordeeld over de effectiviteit van de inzet van ervaringsdeskundigen in de GGz. Een ervaringsdeskundige wordt omschreven als een persoon met een psychiatrische stoornis die gebruik heeft gemaakt van de GGz (consumer). In totaal werden er 29 studies in de SR geïncludeerd. Door de grote mate van heterogeniteit tussen de studies kon er geen meta-analyse worden uitgevoerd. Driekwart van de studies zijn in de VS uitgevoerd. De consumers worden ingezet als ervaringsdeskundige peer, GGZ-assistent, case manager, belangenbehartiger of trainer. Er zijn 12 studies gevonden die de effecten op de uitkomsten van hersteldoelen vergelijken tussen een traditionele GGz- en door consumersgeleide interventies. De door consumers geleide interventies zijn minstens even effectief of effectiever voor de cliënten op praktische maten zoals werk vinden, huisvesting verbeteren, verminderen van opnames, financieën leren beheren en opleiding gaan volgen. In de studies worden ook nog wel barrières geconstateerd ten aanzien van het tewerk stelllen van ervaringsdeskundigen: onderbetaling van de consumers, ze hebben meer begeleiding nodig, in de GGz worden ze door de reguliere hulpveleners nog lang niet altijd geaccepteerd als volwaardige collega’s. Doughty C & Tse S (2011). Can Consumer-Led Mental Health Services be Equally Effective? An Integrative Review of CLMH Services in High-Income Countries. Community Mental Health Journal 47 (3), 252-266. Trefwoord: Werk en EPA

Dubbele diagnose cliënten worden beduidend minder vaak bij Begeleid Werken-projecten aangemeld dan cliënten zonder een verslavingsprobleem
De prevalentie van alcohol- of drugsmisbruik is onder personen met een ernstige psychische stoornis drie keer zo groot als onder de algemene bevolking. In deze Amerikaanse studie willen de auteurs de indruk die ze hebben dat personen met een ernstige psychiatrische stoornis én een middelenverslaving minder vaak tot arbeidsrehabilitatieprojecten worden toegelaten toetsen. Van alle aanmeldingen (N=1748) bij de Thresholds Psychiatric Rehabilitation Centres in Chicago tussen 2008 en 2010 werden kenmerken, al dan niet toelating tot een begeleid werken project en de uitkomsten verzameld. Het bleek dat 34% van de aanmeldingen een co-morbide middelverslaving had en dat 75% van deze groep expliciet de wens uitsprak aan een begeleid werken project te willen deelnemen. Toch werden personen met een dubbele diagnose 52% minder vaak voor zo’n project aangemeld. Degenen die wel deelnamen scoorden bijna even hoog als de niet-verslaafden op het aantal gewerkte dagen bij regulier betaald werk. Het lijkt erop dat hulpverleners geneigd zijn dubbele diagnose cliënten minder makkelijk aan te melden voor begeleid werken programma’s. Frounfelker RL, Wilkniss SM, Bond GR, Devitt TS & Drake RE (2011). Enrollment in Supported Employment Services for Clients With a Co-occurring Disorder. Psychiatric Services 62 (5), 545-547. Trefwoord: Werk en EPA

Deelname aan arbeidsrehabilitatieprojecten verbetert cognitief functioneren en negatieve symptomen significant bij personen met schizofrenie
In vergelijking met ‘gezonde’ personen wordt geschat dat 80 per cent van de personen met schizofrenie ook problemen op cognitief gebied heeft. In deze Braziliaanse RCT werd gekeken wat de effecten op het cognitieve functioneren zijn van het deelnemen aan een arbeidsrehabilitatie-programma. Twee groepen stabiele schizofrene patiënten – de interventiegroep (n=47) met een begeleide stage in bedrijven van 6 maanden vs. de controlegroep (n=44) op de wachtlijst – werden vóór de interventie én na 6 maanden gemeten met de Wechsler Adult Intelligence Scale III (WAIS III), de Stroop Color-Word Test, de Wisconsin Card Sorting Test en de PANNS. Het blijkt dat de interventiegroep significant verbeterde op de cognitieve maten die uitvoerende cognitieve functies meten, zoals conceptualiseren, flexibiliteit, hoofd –en bijzaken kunnen onderscheiden, het vermogen om te oordelen en het vermogen om kritiek te geven. Ook namen de negatieve symptomen significant af en nam de kwaliteit van leven bij deze groep toe. Dus het louter deelnemen aan een intensieve maatschappelijke activiteit leidde tot verbeteringen op cognitief gebied. Soares Bio S & Farid Gattaz W (2011). Vocational rehabilitation improves cognition and negative symptoms in schizophrenia. Schizophrenia Research 126 (1-3), 265-269. Trefwoord: Werk en EPA

Ervaringsdeskundigen kunnen gunstige invloed hebben op de behandeling van psychiatrische patiënten in psychiatrische crisisopvang
In dit Amerikaanse artikel wordt de ontwikkeling, de implementatie en de eerste ervaringen beschreven van een op herstel principes gebaseerd progamma waarbij ervaringsdeskundigen aan de staf van een crisisdienst worden toegevoegd en specifieke taken krijgen om de opname van de patiënten in acute crisis te verlichten. Het betreft een crisisinterventie eenheid van een psychiatrische afdeling van een academisch ziekenhuis. Het beschreven Peer Support Program is in 2001 gestart. De rol van de ervaringsdeskundigen is o.a. het ondersteunen van de opgenomen patiënten en de communicatie tussen de patiënten en de klachtencommissie vereenvoudigen. De ervaringsdeskundigen krijgen een training, worden gewoon betaald en zijn onderdeel van de staf. Uit een voorlopige evaluatie blijkt dat de ervaringsdeskundige medewerker de opgenomen patiënt effectief kan helpen om de ziekenhuisregels te leren begrijpen, dat de patiënten met meer waardigheid en meer respect voor hun rechten worden behandeld en dat de traditionele hulpverleners meer begrip krijgen voor de patiënten. Dit is zinvol werk voor in herstel zijnde psychiatrische patiënten. Migdole S, Tondora J, Silva MA, Barry AD, Milligan JC, Mattison E, Rutledge W & Powsner S. (2011). Exploring New Frontiers: Recovery-Oriented Peer Support Programming in a Psychiatric ED. American Journal of Psychiatric Rehabilitation 14 (1), 1-12. Trefwoord: Werk en EPA

Supported-Employment deelnemers zien veel bezwaren tegen het implementeren van de Circles of Support-methode
Personen met een psychiatrische achtergrond die weer aan het werk willen komen nemen vaak deel aan Supported-Employment projecten. Het wordt aangenomen dat een goed sociaal netwerk de kans op het vinden en behouden van werk doet toenemen. De Circle of Support-methode is binnen de verstandelijke gehandicaptenzorg ontwikkeld ter optimalisering van het natuurlijke sociale netwerk. De Circle of Support (CoS) wordt door de cliënt zelf bijeengeroepen en bestaat meestal uit familieleden, vrienden en buren die iets voor de ‘focuspersoon’ willen betekenen. In deze Amerikaanse studie werd geïnventariseerd welke barrières door hulpverleners en cliënten worden ervaren ten aanzien van het invoeren van CoS. De data werden verzameld door middel van semi-gestructureerde interviews (hulpverleners) en focusgroepen (cliënten). Slechts enkele van de deelnemers hadden zelf aan een CoS-bijeenkomst deelgenomen. De volgende barrières kwamen naar voren: het organiseren van een CoS kost te veel tijd; de cliënten willen niet in het middelpunt staan; cliënten denken geen controle over de bijeenkomst te kunnen uitoefenen. Sommigen vinden het tegennatuurlijk, of willen niet dat iedereen die ze kennen elkaar ontmoeten. Toch werden enkele in de CoS-methode gebruikte technieken –zoals mapping– door velen wel nuttig gevonden.Spagnolo AB, Dolce JN, Roberts MM, Murphy AA, Gill KJ, Librera LA & Lu W (2011). A Study of the Perceived Barriers to the Implementation of Circles of Support. Psychiatric Rehabilitation Journal 34 (3), 233-242 Trefwoord: Werk en EPA

IPS is voor alle subgroepen met een psychische stoornis de meest effectieve interventie voor het vinden en behouden van regulier betaald werk
Individual Placement and Support (IPS) heeft zich bewezen als een effectieve interventie. Toch bestaat er nog onduidelijkheid of alle type cliënten het beste af zijn met IPS. In deze Amerikaanse meta-analyse worden de data van vier RCT’s naar de effectiviteit van het IPS-model (n=307) in vergelijking met andere vormen van ‘begeleid werken’ (n=374) samengevoegd om te kijken welke subgroepen met een ernstige psychische stoornis het meest profiteren van evidence-based supported employment. Op de uitkomstmaten vinden van regulier betaald werk, totaal aantal weken gewerkt en de lengte van de periode waarin gewerkt werd scoort IPS significant hoger dan de andere vormen van begeleid werken. Er werden 14 subgroepen onderscheiden naar werkgeschiedenis – kort of lang- demografische kenmerken –leeftijd, sekse, etniciteit, opleiding, burgerlijke staat, uitkering, thuisloosheid- en klinische variabelen – primaire diagnose, symptomen volgens BPRS, drugsmisbruik, opname in afgelopen jaar. Alle effectmetingen waren voor alle subgroepen gunstiger voor de deelnemers aan de IPS-interventie.Campbell K, Bond GR & Drake RE (2011). Who Benefits From Supported Employment: A Meta-analytic Study. Schizophrenia Bulletin 37 (2), 370-380. Trefwoord: Werk en EPA

IPS-cliënten die begeleid blijven door arbeidsbegeleiders houden hun werk langer
Het is standaard in het Individual Placement and Support (IPS)-protocol opgenomen dat de arbeidsbegeleiders, na een intensieve begeleiding in de beginperiode van het regulier betaald werk, ook nog na een jaar regelmatig contact hebben met de cliënt. Er is evenwel nog geen gericht onderzoek gedaan om te checken of die contacten na één jaar effectief zijn. In dit Amerikaanse onderzoek werden 142 IPS-cliënten twee jaar gevolgd nadat ze met een baan begonnen waren. Alle contacten tussen de IPS-arbeidsbegeleiders en de cliënten zijn verzameld. Er blijkt een duidelijk verband tussen de gemiddelde frequentie van het contact met een arbeidsbegeleider en het totaal aantal maanden dat in de follow-up periode van twee jaar werd gewerkt. In deze studie waren die contacten gemiddeld 1, 33 per maand. Het op een bescheiden wijze blijven begeleiden van IPS-cliënten blijkt dus vruchtbaar.Bond GR, Kukla M (2011). Impact of Follow-Along Support on Job Tenure in the Individual Placement and Support Model. Journal of Nervous & Mental Disease. 199 (3), 150-155. Trefwoord: Werk en EPA