Kennis delen over herstel, behandeling en
participatie bij ernstige psychische aandoeningen

 

Rehabilitatie & participatie 2014

De Nederlandse zelfhulp interventie Ouderschap met Succes en Tevredenheid (OST) is veelbelovend
In de VS heeft ongeveer tweederde van de personen met EPA kinderen, in Nederland ongeveer 48%. De begeleide zelfhulp interventie Ouderschap met Succes en Tevredenheid (OST) is in Nederland speciaal ontwikkeld om ouders met psychische stoornissen te ondersteunen bij het zich richten op hun ouderrol. OST bestaat uit drie zelfhulp werkboeken die met behulp van getrainde hulpverleners kunnen worden doorgenomen: 1. Huidig functioneren in de ouderrol; 2. Versterken van de ouderrol van ouders met EPA – bedoeld voor ouders die samen met hun kinderen wonen; 3. Hernemen of uitbreiden van de ouderrol – bedoeld voor ouders die niet samen met hun kinderen wonen. In deze eerste pilotstudie werd een groep OST-cliënten (N=11) vergeleken met een groep die begeleid werd door hulpverleners die nog niet getraind waren in OST (N=15). De primaire uitkomstmaten waren de tevredenheid en het succes van de ouders, gemeten met de Tool to Measure Parenting Self-Efficacy (TOPSE), die gedeeltelijk door de ouders zelf en gedeeltelijk door de begeleiders werd ingevuld. Daarnaast werd gemeten: empowerment, kwaliteit van leven (EUROQOL-VAS), de relatie met de hulpverleners, de tevredenheid met de OST en de modelgetrouwheid aan de OST-interventie. Er werd gemeten als iemand met de OST begon en na één jaar. Het bleek dat na één jaar maar vier van de elf deelnemers het hele OST-programma hadden afgewerkt. De tevredenheid was bij de interventiegroep meer toegenomen dan bij de controlegroep maar het verschil was niet significant. Bij de OST-groep nam wel de kwaliteit van leven significant meer toe. Zowel de ouders als de hulpverleners waren positief over de OST-interventie. Dit is een veelbelovende interventie. Van der Ende PC, Van Busschbach JT, Nicholson J, Korevaar EL & Van Weeghel J, (2014). Parenting and psychiatric rehabilitation: Can parents with severe mental illness benefit from a new approach? Psychiatric Rehabilitation Journal, 37 (3), 201-208. Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Het Nederlandse programma Preventieve Zorgcoördinatie voor Ouders met Psychiatrische Problemen lijkt haalbaar en effectief
In Nederland bestaat er lange traditie in het ontwikkelen van preventieve praktijken voor kinderen van ouders met psychische problemen (zie o.a. de KOPP projecten en cursussen). In dit artikel wordt verslag gedaan van de pogingen om het op maat gegeven programma Preventieve BasiszorgCoördinatie voor kinderen van ouders met psychiatrische problemen (PBC) meer evidence-based te maken. De doelen van PBC zijn: 1. Sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen stimuleren; 2. Effectief ouderlijk gedrag stimuleren; 3. De sterke punten van de ouders en de kinderen versterken; 4. Toegang tot allerlei hulpbronnen mogelijk maken; 5. Het verminderen van het aantal risicofactoren. De zorgcoördinator werkt proactief en gaat uit van een gezinsgerichte benadering, poogt de zelfeffectiviteit en de competenties van de ouders te vergroten, hanteert het makelaarsmodel van case management en werkt ook therapeutisch met de ouders. De PCB-methode bestaat uit de volgende stappen: werving, risicobeoordeling, planning en coördinatie op maat, families met diensten in contact brengen en monitoring en evaluatie. Uit eerste pilot studies kwam naar voren dat 75% van de ouders vonden dat PCB een positief effect op hun ouderschap en hun kinderen had. Van de hulpverleners vond 80% dat PCB tot betere basiszorg en beter ouderschap leidde. Momenteel loopt er een RCT, waar 100 gezinnen bij betrokken zijn, om de effecten van PCB te meten (www.soopp.nl). De gedragsproblemen bij de kinderen worden gemeten met de Strenghts and Difficulties Questionnaire (SDQ) en de problemen met het ouderschap met de Parenting Daily Hassles Questionnaire (PDH). Dit lijkt een haalbaar en effectief programma. Wansink HJ, Hosman CMH, Janssens JMAM, Hoencamp E & Willems WJCT (2014). Preventive family service coordination for parents with a mental illness in the Netherlands. Psychiatric Rehabilitation Journal, 37 (3), 216-221. Trewoord: Rehabilitatie en participatie

Versterken van sociale cohesie in achterstandswijken verhoogd niveau van geestelijke gezondheid
Angststoornissen en depressie zijn de meest voorkomende psychische stoornissen. Deze stoornissen komen significant vaker voor bij kansarme bevolkingsgroepen. In deze Britse studie werd onderzocht of achterstandswijken met meer sociale cohesie een gunstige invloed hebben op de geestelijke gezondheid. Er werd gebruik gemaakt van de Caerphilly Health and Social Needs Cohort Study waarbij in 2001 (n=10982) en in 2008 (n=4558) via een schriftelijke vragenlijst de Short-Form Health Survey (SF-36) en de Mental Health Inventory (MHI-5) is afgenomen. De mate van achterstand van een wijk werd vastgesteld door het gemiddelde inkomen per huishouden uit te rekenen. De sociale cohesie van een wijk werd vastgesteld met behulp van Buckner’s Neighbourhood Cohesion schaal. Het bleek dat in wijken met de meeste sociale achterstand en geringe sociale cohesie de mate van geestelijke gezondheid het sterkst afnam. In achterstandwijken met een grote sociale cohesie was dat effect significant minder: in de lage cohesie groep nam de MHI-5 score met 2.8 punten af, terwijl die in de hoge cohesie groep met 1.1 punt toe nam (verschil dus 3.9 punten). Een mogelijke verklaring is dat een hoge mate van sociale cohesie (gebaseerd op vriendschap, elkaar bezoeken en aan elkaar uitlenen, en elkaar helpen) de nadelige effecten van sociale achterstand compenseert en gunstig is voor de ervaren gezondheid. Interventies die gericht zijn op het versterken van sociale interactie en onderlinge uitwisseling in achterstandswijken zouden gestimuleerd moeten worden. Fone D, White J, Farewell D, Kelly M, John G, Lloyd K, Williams G & Dunstan F (2014).Effect of neighbourhood deprivation and social cohesion on mental health inequality: a multilevel population-based longitudinal study. Psychological Medicine 44 (11), 2449-2460. Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Cognitieve Remediatie in het kader van Begeleid Leren verbetert het academisch functioneren
Cognitieve Remediatie (CR) is een veelbelovende methode waarmee het cognitieve functioneren van mensen met een psychotische stoornis verbetert kan worden. In deze Canadese RCT werd onderzocht of CR geïntegreerd in een Begeleid Leren programma een meerwaarde heeft. Alle deelnemers (N totaal= 37) namen deel aan een Begeleid Leren (BL) programma waarbij men de onderbroken opleiding als gevolg van de psychotische stoornis weer poogde op te vatten. De interventiegroep (N=19) kreeg naast BL ook CR over een periode van 10 weken. Er werd gemeten op baseline, na 4 en na 8 maanden. De primaire uitkomstmaat was het academisch functioneren, waarbij deelname aan lessen, houding, voorbereiding, taakgerichtheid en professionalisme werden beoordeeld. Daarnaast werd de geestelijke gezondheid middels de PANNS en de Rosenberg Self-Esteem Scale gemeten. De cognitieve ontwikkeling werd gemeten met de Wide Range Achievement Test (WRAT-III), de Weschler Adult Intelligence Scale-III, de California Verbal Learning Test (CVLT), de Trail Making Test, de Wisconsin Card Sorting Test en de Digital Vigilance Test. Een opmerkelijk uitkomst was dat de CR-training bij de interventiegroep geen grotere verbetering op het gebied van het cognitieve functioneren te zien gaf dan bij de controlegroep. Beide groepen gingen evenveel vooruit. Er was wel verschil in de ontwikkeling tussen beide groepen op de deelname aan het studieprogramma en op het academisch functioneren. De interventiegroep nam vaker deel aan de lessen en ging beter scoren op de meeste aspecten van het academische functioneren dan de controlegroep. Ook het gevoel van eigenwaarde nam significant meer toe bij de CR-groep. Kidd SA, Kaur J, Virdee G, George TP, McKenzie K & Herman Y (2014). Cognitive remediation for individuals with psychosis in a supported education setting: A randomized controlled trial. Schizophrenia Research 157 (1-3), 90–98. Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Cognitieve Adaptatie Training is een veelbelovend verpleegkundige interventie om het dagelijks functioneren van personen met schizofrenie te verbeteren
Naast Cognitieve Remediatie is de Cognitieve Adaptatie Training (CAT) in de VS ontwikkeld. CAT maakt gebruik van hulpmiddelen om de cognitieve problemen waar personen met schizofrenie mee kunnen kampen te omzeilen. Er wordt o.a. gebruik gemaakt van een ingesproken wekker om iemand eraan te herinneren iets te gaan doen. CAT heeft een individuele benadering: de interventies worden afgestemd op de individuele problemen en wensen van de patiënt. In deze Nederlandse pilotstudie werd onderzocht of CAT ook in Nederland door psychiatrisch verpleegkundigen effectief kan worden ingezet. Een groep (n=16) kreeg TAU+CAT en werd op baseline, na 4 en na 8 maanden vergeleken met een groep die alleen TAU (Treatment As Usual) kreeg (n=14). De deelnemers waren grotendeels in de chronische psychiatrie verblijvende patiënten. De primaire uitkomstmaat was het niveau van functioneren zoals gemeten met de Multnomah Community Ability Scale (MCAS) en de Social and Occupational Functioning Scale (SOFAS). Daarnaast werd de motivatie om aan activiteiten deel te nemen en de tijd besteed aan werkgerelateerde activiteiten gemeten met de Negative Symptom Assessment (NSA-M). Het gedragstype van de patiënt (apathisch, ontremd of tussenvorm) werd vastgesteld met behulp van de Frontal Systems Behavioral Scale. Het niveau van functioneren werd gemeten met de Modified Card Sorting Test (MCST) en de Controlled Oral Word Association Test (COWAT). Het bleek dat de TAU+CAT-patiënten significant betere scores op de MCAS kregen in vergelijking met de controlegroep. Dat gold niet voor de scores van de SOFAS en NSA-M. CAT had wel een significant positief effect op de werkgerelateerde activiteiten. CAT is een veelbelovende interventie. Quee PJ, Stiekema APM, Wigman JTW, Schneider H, Van der Meer L, Maples NJ, Van den Heuvel ER, Velligan DI & Bruggeman R (2014). Improving functional outcomes for schizophrenia patients in the Netherlands using Cognitive Adaptation Training as a nursing intervention: A pilot study. Schizophrenia Research 158 (1-3), 120–125. Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Er zijn aanwijzingen dat persoonsgebonden budget voor personen met psychische problemen gunstig is voor kwaliteit van leven
Het doel van het toewijzen van persoonsgebonden budgetten is om cliënten meer grip op hun eigen hulpverlening te geven. In Engeland worden persoonsgebonden budgetten breed ingezet in de gezondheidszorg en de sociale dienstverlening. Over het algemeen krijgen personen met psychische problemen beduidend minder vaak persoonsgebonden budgetten toegekend dan andere groepen. Dit Engelse onderzoek is de eerste systematische review naar de evidentie van de effectiviteit van persoonlijke budgetten voor personen met een psychische stoornis op verschillende uitkomst domeinen. Er werd gebruik gemaakt van de EPPI-Centre methodologie voor het uitvoeren van een systematische review. Er werden slechts 15 studies gevonden die aan de inclusiecriteria voldeden. Alle studies werden in de UK of de USA uitgevoerd. Er zaten slechts twee RCT’s en vier quasi-experimentele studies bij. De meeste studies vonden een verbetering op een van de volgende domeinen: 1. Meer keuze en controle over de eigen zorg; 2. De kwaliteit van leven nam toe; 3. Er werd nergens een toename van intramurale zorg gerapporteerd; 4. Economische evaluatie: slechts twee studies hadden een (positieve ) kosteneffectiviteitsanalyse. Persoonsgebonden budgetten kunnen een positieve uitkomst hebben voor personen met een psychische stoornis, maar de auteurs stellen dat bijna alle gevonden studies methodologische beperkingen hadden en dat de kwaliteit van de meeste studies laag was. Daarom moet men voorzichtig zijn om op grond van deze studies conclusies te trekken. Webber M, Treacy S, Carr S, Clark M & Parker G (2014). The effectiveness of personal budgets for people with mental health problems: a systematic review. Journal of Mental Health 23 (3), 146–155. Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

In de VS hebben personen met een psychische stoornis vaak een minimaal inkomen en moeten ze financiële coping strategieën aanwenden om rond te komen
In de VS moeten veel personen met psychische stoornissen een beroep doen op een sociale uitkering (SSI of SSDI). Meestal verwerven ze dan een inkomen rond de armoedegrens. In deze kwalitatieve studie (N=9) wordt onderzocht welke financiële coping strategieën redelijk functionerende GGZ-cliënten (zonder verslavingsproblematiek) aanwenden om rond te komen van hun karige inkomen. Er werden interviews van 50 minuten per persoon afgenomen. Na analyse van de data weet de auteur zeven verschillende financiële coping strategieën bij de geïnterviewden te onderscheiden: 1. Er wordt gezocht naar aanvullende ondersteuning (subsidies) voor huisvesting en voedsel. 2. De inkopen worden prijsbewust gedaan. 3. De uitgaven worden geprioriteerd: eerst wordt geld voor de huur apart gelegd, dan pas geld voor andere zaken uitgetrokken. 4. Er wordt systematisch gebudgetteerd. 5. Er wordt gebruikt gemaakt van goedkopere internettechnologie om financiële zaken te regelen. 6. Men doet aan schuld regulering. 7. Sommigen konden zelfs geld sparen voor grote uitgaven. De auteur komt tot de conclusie dat een training in het goed leren omgaan met geld standaard aangeboden zou moeten worden vanuit de GGZ-hulpverlening. Caplan MA (2014). Financial Coping Strategies of Mental Health Consumers: Managing Social Benefits. Community Mental Health Journal 50 (4), 409-414. Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Residentiële behandeling van verslaafden blijkt gematigd effectief voor sommige soorten patiënten
Deze Amerikaanse review is er één in de serie Assessing the Evidence Base, waarbij in opdracht van SAMSHA de evidentie van op herstel gerichte interventies voor EPA en of verslaafden wordt verzameld en beoordeeld. Residentiële behandeling van middelenverslaafden is een gestructureerde klinische (niet-medische) behandeling gericht op het aanleren van herstelvaardigheden in een veilige omgeving, zoals die in Nederland vaak in verslavingsklinieken plaats vindt. Een bekend voorbeeld van zo’n voorziening is de therapeutische gemeenschap. In deze studie werden alle relevante studies en reviews over dit onderwerp, verschenen tussen 1995 en 2012, opgespoord en beoordeeld. In totaal worden er 8 reviews en 21 RCT’s en quasi-experimentele studies besproken. Het algemene oordeel over het niveau van het bewijs over de effectiviteit van residentiële behandeling van verslaafden is: middelmatig. Er werden in veel studies methodologische zwakheden gevonden. Toch wijzen alle resultaten in de richting dat degenen die in een verslavingskliniek zijn behandeld er op vooruit zijn gegaan op de volgende uitkomstmaten: drugs- en alcoholgebruik; werk; medische en sociale problemen; psychiatrische symptomen; sociale steun. Met name voor dubbele diagnose patiënten en patiënten die vóór de behandeling dakloos waren kan de residentiële behandeling effectief zijn. Reif S, George P, Braude L, Dougherty RH, Daniels AS, Ghose SS & Delphin-Rittmon ME (2014). Residential Treatment for Individuals With Substance Use Disorders: Assessing the Evidence. Psychiatric Services 65 (3), 301-312. Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Housing First is een effectief programma en wordt steeds meer toegepast in Noord-Amerika en Europa
In dit themanummer van 5 artikelen en een inleiding wordt stil gestaan bij de implementatie, verspreiding en het belang van modelgetrouwheid van de in 1992 -in New York- ontwikkelde interventie Housing First (HF). HF werd in 2007 door SAMSHA als een evidence-based praktijk erkend [http://www.nrepp.samhsa.gov/ViewIntervention.aspx?id=155]. De kern van HF is dat daklozen met psychische problemen en/of verslavingsproblemen, los van hun bereidheid om hulp te accepteren (dus zonder voorwaarden vooraf), in de eerste plaats een woning voor onbepaalde tijd krijgen aangeboden, waarbij rekening wordt gehouden met hun woonwensen. Pas daarna worden ze benaderd door hulpverleners die vanuit de herstelfilosofie werken. In het eerste artikel wordt een HF-modelgetrouwheidsschaal gepresenteerd bestaande uit 38 items onderverdeeld in vijf categorieën: 1. Keuze van woning en structuur; 2. Scheiden van woning en hulpverlening; 3. Filosofie achter de hulpverlening; 4. De interventies die worden aangeboden; 5. Structuur van het programma. In het tweede artikel wordt verslag gedaan van het verschil in waarden en opvattingen tussen hulpverleners die in een HF-programma werken met die in een treatment first programma’s werken. De HF-hulpverleners focussen vooral op de behoeften van de cliënten en pogen hen tot behandeling te bewegen. Het derde artikel beschrijft de implementatie van het At Home/Chez Soi project in Canada. Dit is een nationaal demonstratieproject (N=2235) in vijf steden waarbij personen at random of aan de HF-interventie of aan treatment-as-usual worden toegewezen en de uitkomsten met elkaar worden vergeleken. Het vierde artikel beschrijft de implementatie van HF in zes Europese landen (waaronder een project in Amsterdam). [Een deel van de uitkomsten zijn te vinden in: http://www.socialstyrelsen.dk/housingfirsteurope/copy4_of_FinalReportHousingFirstEurope.pdf]. Het vijfde artikel beschrijft de implementatie van Full Service Partnerships (FSP’s) in Californië en hoe deze zich verhouden tot het HF-model. FSP’s worden via de speciale Mental Health Services Act gefinancierd en worden geacht alles te doen wat nodig is om de omstandigheden te verbeteren van dakloze personen met ernstige psychische problemen. FSP’s lijken veel op HF-interventies. Tsemberis S, Stefancic A, Henwood BF, Keller C, Greenwood RM, Gilmer TP et al.(2013). Special Issue: Pathways Housing First: Dissemination, implementation and program fidelity. American Journal of Psychiatric Rehabilitation 16 (4), 235-328. [Themanummer met vijf artikelen] Trefwoord: Rehabilitatie en participatie