Kennis delen over herstel, behandeling en
participatie bij ernstige psychische aandoeningen

 

Rehabilitatie & participatie 2010

In elk stadium van hun behandeling wonen dubbele diagnose cliënten het liefst in een eigen appartement of huis
In dit Amerikaanse onderzoek werden voor dubbele diagnose cliënten (N=103) de volgende vragen onderzocht: 1. Heeft men in verschillende stadia van de behandeling verschillende woonvoorkeuren; 2. Hebben degenen die een voorkeur voor een bepaalde woonomgeving hebben, ook een voorkeur voor specifieke woonkenmerken; 3. Rapporteren de cliënten die in de verschillende woonomgevingen wonen verschillen in sociale steun, keuzevrijheid en woontevredenheid. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen Begeleid Wonen, een vrije woning (appartement of huis) en kamerbewoning (single room occupancy, SRO). Bijna 70% gaf als eerste voorkeur aan een eigen appartement/huis en als tweede voorkeur een begeleide woonomgeving, los van het stadium van behandeling. De personen die in de woonomgeving van hun voorkeur wonen rapporteren meer keuzevrijheid, maar er zijn geen verschillen met anderen wat betreft ervaren sociale steun en woontevredenheid. Een SRO wordt door de meesten als de minst aantrekkelijke woonomgeving gezien. Tsai J, Bond GR &. Davis KE (2010). Housing Preferences Among Adults with Dual Diagnoses in Different Stages of Treatment and Housing Types. American Journal of Psychiatric Rehabilitation 13 (4), 258-275 Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

In Amerikaanse begeleid zelfstandig wonen projecten worden bewoners uit het programma gezet als ze hun medicatie niet innemen of middelen gebruiken
In dit Amerikaanse onderzoek werd bekeken in hoeverre de deelnemers (n=432) aan Supported Independent Living (SIL) programma’s (N=27) – die te vergelijken zijn met Begeleid Zelfstandig Wonen projecten in Nederland- door de begeleidende staf onder druk worden gezet zich aan bepaald gedrag te houden om niet uit het programma en hun woonruimte te worden gezet. SIL-deelnemers hoeven maar 30% van hun inkomen aan huur te betalen. Ze kunnen wonen in een woonruimte van een woningbouwvereniging, een particulier verhuurder of van een GGZ-instelling. Het blijkt dat deelnemers die hun medicatie niet innemen en als gevolg daarvan decompenseren in 60% van de programma’s uit het programma worden gezet. Deelnemers die alcohol of drugs gebruiken worden eveneens in 60% van de programma’s uitgesloten. De deelnemers die in een woonruimte van een GGZ-instelling verblijven worden duidelijk strenger behandeld dan de anderen. Dit soort praktijken staan haaks op principes als rechten van bewoners, patiëntenrechten en empowerment. Bij SIL-programma’s zijn wonen en behandeling te veel aan elkaar gekoppeld.Wong YI, Lee S & Solomon PJ (2010). Structural Leverage in Housing Programs for People with Severe Mental Illness and Its Relationship to Discontinuance of Program Participation. American Journal of Psychiatric Rehabilitation 13 (4), 276–294 Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Succes van Begeleid Leren kan toenemen door studenten met psychische problemen bewust beschermende factoren te leren inzetten
In dit artikel poogt de auteur vanuit een samenvatting van de literatuur nieuwe concepten te beschrijven die toegepast zouden kunnen worden om Begeleid Leren voor HBO-studenten met psychische problemen succesvoller te maken. Centraal staan de risico – en beschermende factoren die van invloed zijn op de veerkracht (resilience) van personen die onder grote stress staan.Resilience wordt gezien als het proces van, capaciteit voor of uitkomst van succesvolle adaptatie ondanks uitdagende of bedreigende omstandigheden. Voor studenten met psychische problemen zijn de extra risico factoren: 1. Tijdelijke cognitieve beschadiging; 2. Het stigma van de psychische stoornis; 3. Minder academisch zelfvertrouwen; 4. Moeilijke omgang met leeftijdsgenoten. Vanuit een resilience perspectief kunnen de Beleid Leren begeleiders de studenten wijzen op de risico factoren en pogen de volgende beschermende factoren in hun levensstijl te laten integreren: 1. Actieve coping; 2. Inroepen van de steun van leeftijdsgenoten; 3. Inroepen van psychosociale steun die de onderwijsinstelling biedt; 4. Beroep doen op de steun van een counselor. Hartley MT (2010). Increasing Resilience: Strategies for Reducing Dropout Rates for College Students with Psychiatric Disabilities. American Journal of Psychiatric Rehabilitation 13 (4), 295-315 Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Dubbel diagnose cliënten willen het liefst onafhankelijk wonen, maar zien ook dat een restrictieve woonomgeving voor hen soms gunstig kan zijn
In deze kwalitatieve Amerikaanse studie werden 40 volwassenen met een ernstige psychiatrische stoornis én een middelenverslaving (dubbel diagnose) geïnterviewd over hun woonwensen, de beslissingsprocessen omtrent het kiezen van een woonvorm en ervaren barrières ten aanzien van wonen. De ene helft van de geïnterviewden woonde in een residentiële woonvorm (‘supervised housing’), de andere helft woonde onafhankelijk (hieronder valt ook ‘supported housing’, begeleid wonen). Bijna alle geïnterviewden willen op zichzelf wonen, maar velen zien ook de voordelen van ‘supervised housing’ in de beginfase van het herstelproces, want dit biedt o.a. een gestructureerde omgeving, is drugsvrij en sociale ondersteuning. De woonwensen zijn niet statisch. De keuze voor een woonvorm wordt voornamelijk bepaalt door aanbevelingen van de hulpverleners en de beschikbaarheid van een woonvorm. Als barrières om een onafhankelijke woonomgeving te vinden worden genoemd: financiën, crimineel verleden en stigma. Er is meer variatie in het aanbod van woonvormen voor deze doelgroep nodig.Tsai J, Bond GR, Salyers MP, Godfrey JL & Davis KE (2010). Housing Preferences and Choices Among Adults with Mental Illness and Substance Use Disorders: A Qualitative Study. Community Mental Health Journal 46 (4),381-388 Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Kwaliteit van leven neemt af door sociale eenzaamheid bij personen met een ernstige psychiatrische stoornis in een residentiële groepshuisvesting
In deze Israelische studie worden de niveaus van ervaren eenzaamheid, ervaren kwaliteit van leven (QOL) en sociale steun vergeleken bij personen met een ernstige psychiatrische stoornis die wonen in enerzijds residentiële groepswoningen (N=57) en anderzijds in begeleide woonvormen (N=40). De data werden verzameld met de Multidimensional Scale of Perceived Social Support (MSPSS), de Brief Psychiatric Rating Scale (BPRS), de Manchester Short Assessment of Quality of Life (MANSA) en de Social and Emotional Loneliness Scale (S-SELAS). In eerste instantie worden er tussen de twee groepen geen significante verschillen gevonden wat betreft de mate van eenzaamheid, QOL en sociale steun. Sociale eenzaamheid correleert duidelijk met ervaren QOL. Een nadere regressie analyse toont aan dat de ervaren sociale eenzaamheid bij personen in de residentiële groepswoningen een significante negatieve correlatie heeft met de ervaren QOL; bij de andere huisvestingsvorm is dat verband er niet. Een mogelijke verklaring is dat er in de begeleide woonvormen meer ruimte is voor autonomie en dat heeft een positieve in vloed op ervaren QOL. Weiner A, Roe D, Mashiach-Eizenberg M, Baloush-Kleinman V, Maoz H & Yanos PT (2010). Housing Model for Persons with Serious Mental Illness Moderates the Relation Between Loneliness and Quality of Life. Community Mental Health Journal 46 (4),389-397. Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Bij personen met een ernstige psychiatrische stoornis gaan bevredigende seksuele relaties samen met een gewaardeerd sociaal netwerk
In de hulpverlening aan personen met ernstige psychiatrische stoornissen is er weinig aandacht voor het seksuele leven van de patiënten, behalve in verband met bijwerkingen van psychofarmaca. In deze Zweedse studie (N=103) werd met behulp van de Manchester Short Assessment of Quality of Life (MANSA) naast de tevredenheid met de eigen seksuele relaties, ook andere kwaliteit van leven domeinen gemeten. De uitkomsten werden vergeleken met demografische factoren, sociale factoren –gemeten met de Interview Schedule for Social Interaction (ISSI)- en de waardering van dagelijkse activiteiten –gemeten met de Occupational Value with predefined item (OVal-pd) en de Satisfaction with Daily Occupations (SDO). Van alle met de MANSA gemeten domeinen scoorde seksuele relaties het laagst. De groep met een relatief hoge tevredenheid met seksuele relaties (39% van de 103) verschilde op de volgende punten van degenen met weinig tevredenheid: zij leven veel vaker met iemand samen, zij waarderen hun sociale contacten hoger en kennen meer waarde en tevredenheid toe aan hun dagelijkse activiteiten. Eklund M & Östman M (2010). Belonging and Doing: Important Factors for Satisfaction With Sexual Relations as Perceived By People With Persistent Mental Illness. International Journal of Social Psychiatry 56 (4), 336-347. Trefwoord: Rehabilitatie en participatie

Speciale training ondersteunt psychiatrische patiënten in hun ouderrol
Korte beschrijving van de in Groningen –door Hanze Hogeschool en Lentis- voor psychiatrische patiënten ontwikkelde trainingsmethodiek ‘Ouderschap met Succes en Tevredenheid’. Uit een onderzoek was gebleken dat van de psychiatrische patiënten met kinderen ongeveer 80 per cent problemen ervaart in de relatie met hun kinderen. De training kan individueel of in een groep worden genoten. De training is gebaseerd op het empowerment concept. Er is aandacht voor de eigen vaardigheden als ouder, ondersteuning in de ouderrol en het verder ontwikkelen van de ouderrol. Van der Ende PC, Venderink MM & Van Busschbach JT (2010). Parenting With Success and Satisfaction Among Parents With Severe Mental Illness. Psychiatric Services 61 (4), 416 Trefwoord: Rehabilitatie en participatie