Kennis delen over herstel, behandeling en
participatie bij ernstige psychische aandoeningen

 

Psychotische aandoeningen 2018

Slechts in enkele landen is Vroege herkenning en Interventie bij Psychose (VIP) algemeen landelijk ingevoerd
Vroege Interventie bij Psychose (VIP) is al jaren een erkende benadering die door vroege opsporing en behandeling van met name jongvolwassenen met een (risico op) psychose bijdraagt aan het voorkomen van terugval én verbeteren van het functioneren. In dit artikel wordt door auteurs uit Denemarken, de UK, Spanje, Italië en Singapore een overzicht gegeven van lokale en nationale (succesvolle en minder succesvolle) experimenten met VIP in de wereld, zoals die gepresenteerd werden op een IEPA-congres in Milaan (2016). VIP-programma’s komen voort uit onderzoek dat bewees dat hoe korter de Duur van een Onbehandelde Psychose (DOP) is des te groter de kans op goede uitkomsten. Uit onderzoek van de afgelopen 10 jaar blijkt dat VIP substantieel kan bijdragen aan het verkorten van de DOP. VIP heeft verder positieve uitkomsten op psychotische symptomen, negatieve symptomen, sociaal functioneren en druggebruik. Nog niet bekend is hoe lang gespecialiseerde VIP-diensten moeten worden aangeboden. In dit artikel wordt kort de implementatie van VIP in Australië (pionier), Engeland, Denemarken & Noorwegen en de VS & Canada besproken. In al deze landen is VIP bijna overal landelijk geïmplementeerd. N.B. Nederland wordt in dit artikel niet genoemd, hoewel er in ons land 50 VIP-teams functioneren. Het is nog steeds niet gelukt om VIP landelijk in te voeren in Spanje en Italië. Er zullen verschillende strategieën ingezet moeten worden om de barrières tegen de algemene verspreiding van VIP in de verschillende gezondheidszorgsystemen te overwinnen. In sommige landen is VIP onderdeel van de publiek gefinancierde algemene gezondheidszorg (Engeland, Denemarken, Noorwegen en Singapore), in ander landen is het een onderdeel van de Ggz. Om beleidsmakers te overtuigen van de voordelen van VIP zal het presenteren van de klinische voordelen alleen vaak niet voldoende zijn. Ook economische argumenten en politieke en sociale druk zullen soms nodig zijn om implementatie voor elkaar te krijgen.
Csillag C, Nordentoft M, Mizuno M, McDaid D, Arango C, Smith J, Lora A, Verma S, Di Fiandra T, Jones PB. (2018). Early intervention in psychosis: From clinical intervention to health system implementation. Early Interv Psychiatry. 2018 Aug;12(4):757-764.
Trefwoord: Psychotische aandoeningen

Eén op de acht personen die een Eerste Psychotische Episode (EPE) doormaakt valt nooit meer terug
De meeste personen met een Eerste Psychotische Episode (EPE) maken tijdens het eerste jaar een remissie van symptomen mee. Sommigen herstellen blijvend na de remissie en krijgen nooit meer een psychose. In deze Britse studie (n=345) werden personen met een EPE in het kader van de AESOP-10 longitudinale follow-up studie 10 jaar gevolgd om het ziektebeloop te volgen, waarin met name onderscheid werd gemaakt tussen een vroeg aanhoudend herstel en ander ziektebeloop. Op baseline werden afgenomen: de SCAN versie 2 en de Personal and Psychiatric History Schedule. Na 10 jaar werd de WHO Life Chart Schedule afgenomen. Het bleek dat 12,5% van het cohort na 10 jaar vroeg aanhoudend herstel had meegemaakt. In vergelijking met de rest van de groep, die verschillende ziektebelopen hadden meegemaakt, was de groep met een vroeg aanhoudend herstel eerder vrouw (OR=2.45; 95%BI: 1.25-4.81), had vaker werk (OR=2.39; 95%BI: 1.22-4.69), had vaker een relatie (OR=2.68; 95%BI: 1.35-5.32), had een kortere Duur van Onbehandelde Psychose (DOP) (OR=2.86; 95%BI: 1.37-5.88) en had vaker een andere diagnose dan schizofrenie, met name manie (OR=6.39; 95%BI: 2.52-16.18) of korte psychose (OR=3.64; 95%BI: 1.10-12.10). Eén op de acht personen met een EPE krijgt daarna nooit meer een terugval. Dat betekent dat bijna 88% wel ooit terugvalt. De groep met vroeg aanhoudend herstel neemt na 12 maanden minder vaak nog antipsychotica dan de anderen (OR=0.18; 95%BI: 0.07-0.48) en is na 10 jaar veel vaker volledig functioneel herstelt (OR=7.17; 95%BI: 3.17-16.18).
Lappin JM, Heslin M, Lomas B, Jones PB, Doody GA, Reininghaus UA, Croudace T, Craig T, Fearon P, Murray RM, Dazzan P, Morgan C. (2018). Early sustained recovery following first episode psychosis: Evidence from the AESOP10 follow-up study. Schizophr Res. 2018 Mar 20.
Trefwoord: Psychotische aandoeningen

Sociale Hersteltherapie is effectief bij personen met een eerste psychose en grote beperkingen in sociaal functioneren in behandeling bij een VIP-team
Vóór de introductie van vroege interventie hulpverlening bij een eerste psychose (zoals in Nederland door de VIP-teams geboden wordt), was na 2 jaar slechts 15% van de patiënten sociaal hersteld, sinds de invoering is dat gestegen naar 40% tot 60%. Er is wel een subgroep met complexe psychische problemen en problemen met het sociale functioneren die vaak terug gaan naar de kindertijd. In deze Engelse RCT (n totaal=155) werd de effectiviteit getest van de door dezelfde onderzoeksgroep ontwikkelde sociale hersteltherapie. Het betreft cliënten met een niet-affectieve eerste psychose met ernstige sociale beperkingen (d.i. minder dan 30 uur per week gestructureerde activiteiten). De Sociale Hersteltherapie (SH) wordt in drie stappen aangeboden: a. een goede therapeutische relatie opbouwen en problemen inventariseren; b. in onderling overleg nieuwe sociale activiteiten voorbereiden; c. de cliënt gaat daadwerkelijk een gedragsexperiment aan. De deelnemers werden at random toegewezen aan SH + vroege interventie hulpverlening (SH+VI-groep) of alleen vroeg interventie hulpverlening (VI-groep). De primaire uitkomstmaat was de tijd besteed aan gestructureerde activiteiten na 9 maanden, zoals gemeten met de Time Use Survey (TUS). Er werd gemeten op baseline, na 9 en 15 maanden. Er werden naast de TUS nog 11 andere meetinstrumenten afgenomen o.a.: PANSS, Assessment of Negative Symptoms, Social Interaction Anxiety Scale (SIAS), Beck Depression Inventory-II, Beck Hopelessness Scale (BHS), Meaning in Life Questionnaire (MLQ) en de Adult Trait Hope Scale. In vergelijking met de VI-groep, werd de SH+VI-groep na 9 maanden geassocieerd met een extra toename van gestructureerde activiteiten van 8,1 uur (95%BI=2.5-13.6). De bijdrage van de sociale hersteltherapie is klinisch relevant. Door de grote mate van drop out in met name de VI-groep werd de vergelijking na 15 maanden lastiger.
Fowler D, Hodgekins J, French P, Marshall M, Freemantle N, McCrone P, Everard L, Lavis A, Jones PB, Amos T, Singh S, Sharma V, Birchwood M. (2018). Social recovery therapy in combination with early intervention services for enhancement of social recovery in patients with first-episode psychosis (SUPEREDEN3): a single-blind, randomised controlled trial. Lancet Psychiatry. Jan;5(1):41-50.
Trefwoord: Psychotische aandoeningen