Kennis delen over herstel, behandeling en
participatie bij ernstige psychische aandoeningen

 

Destigmatisering 2016

Er is een robuuste associatie tussen ‘verwachte discriminatie’ en suïcide-ideatie bij personen met psychische problemen
Publieke stigma omvat ‘waargenomen stigma’ (perceived stigma) en ‘ervaren discriminatie’ (experienced discrimination). Individuele stigma omvat ‘verwachte discriminatie’ (anticipated discrimination) en zelf-stigma. In deze Duitse studie (n=227) werd bekeken wat de associatie is van de diverse componenten van stigma op suïcide–ideatie vanuit het perspectief van een persoon met een psychische stoornis. De data kwamen uit een studie naar werkloze personen met psychische problemen volgens de K6 Psychological Distress Scale of de CAGE AID screening. Voorwaarde om in deze studie geïncludeerd te worden was een score van 17 of meer op de WHO-Disability Assessment Schedule 2.0. De volgende meetinstrumenten werden afgenomen: de Suicidal Ideation Attributes Scale (SIDAS), de Internalized Stigma of Mental Illness Inventory (ISMI), de Perceived Devaluation-Discrimination Questionnaire (PDDQ), de Questionnaire on Anticipated Discrimination (QUAD), de Self-stigma of Mental Illness Scale Short Form (SSMIS-SF) en de Symptom Checklist 90. De pad-analyse, waarbij de publieke stigma componenten werden gelinkt aan suïcide-ideatie, gemedieerd door de individuele stigma componenten, werd getest in een Structural Equation Model (SEM). Uit de bivariate analyses bleek een significante associatie tussen alle vier de stigma componenten en suïcide-ideatie. Uit de pad-analyse kwam naar voren dat de associatie tussen ‘ervaren discriminatie’ en suïcide-ideatie volledig wordt gemedieerd door ‘verwachte discriminatie’ en zelf-stigma. De associatie tussen ‘waargenomen stigma’ en suïcide-ideatie werd volledig gemedieerd door ‘verwachte discriminatie’ maar niet door zelf-stigma. Het is voor het eerst dat er een robuuste associatie gevonden is tussen ‘verwachte discriminatie’ en suïcide-ideatie.
Oexle N, Waldmann T, Staiger T, Xu Z, Rüsch N. (2016). Mental illness stigma and suicidality: the role of public and individual stigma. Epidemiol Psychiatr Sci. 6, 1-7.
Trefwoord: Destigmatisering

Personen die meer psychotische symptomen hebben en vaker slachtoffer zijn, ervaren meer zelfstigma en hebben minder gevoelens van eigenwaarde
Bijna de helft van de personen met een psychotische stoornis geeft aan zelfstigma te ervaren. Het is van belang welke psychologische-, sociale- , psychiatrische- of omgevingsfactoren (zoals victimisatie) van invloed zijn op het ontstaan van zelfstigma. De prevalentie van victimisatie is bij individuen met een ernstige psychiatrische aandoening tien keer hoger dan in de algemene bevolking. Victimisatie omvat slachtoffer zijn van fysiek geweld, diefstal en/of van agressief sociaal gedrag. In deze Nederlandse studie (n=102; schizofrenie-spectrum stoornis) werden met behulp van Structural Equation Modelling (SEM) drie modellen ontwikkeld om de verbanden tussen victimisatie, psychotische symptomen, zelf-stigma en gevoelens van eigenwaarde te onderzoeken. Zelfstigma werd gemeten met de Internalized Stigma of Mental Illness Scale (ISMIS), symptomen met de Positive and Negative Syndrome Scale (PANSS), victimisatie met vier vragen uit de Integrale Veiligheidsmonitor, gevoelens van eigenwaarde met de Self-Esteem Rating Scale-Short Form (SERS-SF). Uit de modellen komt naar voren dat de ernst van de symptomen en victimisatie directe voorspellers van zelfstigma zijn. Zelfstigma leidt tot negatieve gevoelens van eigenwaarde. Personen die meer symptomen en meer victimisatie rapporteerden, bleken meer zelfstigma en minder gevoelens van eigenwaarde te ervaren. Victimisatie heeft een direct effect op ontstaan van zelfstigma: zij voelen zich niet alleen anders vanwege de klinische status, maar het feit dat ze slachtoffer van diefstal e.d. zijn, versterkt die gevoelens, waardoor ze kwetsbaarder worden voor het internaliseren van stigmatiserende houdingen.
Horsselenberg EM, van Busschbach JT, Aleman A, Pijnenborg GH. (2016). Self-Stigma and Its Relationship with Victimization, Psychotic Symptoms and Self-Esteem among People with Schizophrenia Spectrum Disorders. PLoS One. Oct 26, 11(10).
Trefwoord: Destigmatisering

Bij jongeren met een hoog risico op een psychose is er een verband tussen een toename van stigma stress en een toename van suïcide-ideaties
Ongeveer 5% van de personen die schizofrenie krijgen pleegt zelfmoord. Personen met een hoog risico op psychose lopen risico op suïcidaliteit. In deze Duits-Zwitserse studie (N=172; 13-35 jaar) wordt onderscheid gemaakt tussen geanticipeerde stigma en stigma stress. Stigma stress treedt op als iemand denkt dat de schade die door stigma wordt aangedaan groter is dan het vermogen om met de bedreiging die van dat stigma uitgaat om te aan. De deelnemers weren behandeld bij een vroege psychose project in Zürich en voldeden óf aan de hoog risico op psychose criteria volgens de Schizophrenia Proneness Interview (SPI), óf aan de ultrahoog risico op psychose status volgens de Structured Interview for Prodromal Syndromes (SIPS), óf aan het risico op een bipolaire stoornis volgens de Hypomania Checklist. Geanticipeerde discriminatie (perceived stigma) werd gemeten met de Perceived Devaluation-Discrimination Questionnaire (PDDQ), stigma stress met de Stigma Stress Scale (SSS), suïcide-ideaties én depressieve symptomen met de Hamilton Rating Scale for Depression (HRSD). Negatieve en positieve symptomen werden met de Positive and Negative Syndrome Scale (PANSS) gemeten. De meetinstrumenten werden bij het begin van de behandeling en na 1 jaar afgenomen. Na 1 jaar waren van 73 deelnemers de gegevens compleet. Uit de multiple regressie analyse kwam naar voren dat een toename van stigma stress (maar niet van perceived stigma) na 1 jaar significant geassocieerd wordt met een toename van suïcide-ideatie, gecontroleerd voor leeftijd, sekse, symptomen, depressie en suïcide-ideatie op baseline. Suïcidepreventie bij jongeren met een risico op een psychose zou zich ook moeten richten op het verminderen van publiek stigma en stigma stress.
Xu Z, Mayer B, Müller M, Heekeren K, Theodoridou A, Dvorsky D, Metzler S, Oexle N, Walitza S, Rössler W, Rüsch N. (2016). Stigma and suicidal ideation among young people at risk of psychosis after one year. Psychiatry Res. 243, 219-24.
Trefwoord: Destigmatisering

De deelnemers van de anti-stigma interventies in Canada zijn bijna allemaal blank, in Canada geboren, jong en/of van middelbare leeftijd
Stigma kan schadelijk zijn voor de gezondheid en welzijn van personen met psychische stoornissen. In deze Canadese review (n=35) werden de Canadese studies naar interventies, die tot doel hebben het publiek stigma en zelfstigma van psychische stoornissen te verminderen, opgespoord en beschreven, teneinde kennishiaten op te sporen. Bij het bestrijden van publiek stigma gaat het om het verminderen van stereotypes, vooroordelen en discriminatie, bij het bestrijden van zelfstigma om het voorkomen of verminderen van het internaliseren van stigma door personen met psychische problemen. De meeste gevonden studies waren uitgevoerd door de Mental Health Commission of Canada (MHCC) (n=28). Stigma werd op vele verschillende manieren gedefinieerd. In de studies werden 4 strategieën geïmplementeerd om stigma aan de orde stellen: a. direct contact tussen ervaringsdeskundige(n) en het publiek; b. indirect contact via het vertonen van een film of foto’s van personen met een psychische stoornis; c. voorlichting geven door een expert over stigma; d. door acties opvattingen en gedrag ten opzichte van stigma van anderen pogen te veranderen (advocacy). Bij de meeste studies werd alleen voor en na de interventie het effect van de interventie gemeten. Bij deze studies en ook bij sommige die ook op de langere termijn evalueerden werden soms positieve effecten van de interventie gemeten. Dit betreft meestal een specifieke groep (studenten; hulpverleners). Een combinatie van direct contact met het geven van voorlichting is het meest veelbelovend. In Canada zijn nog geen effecten van anti-stigma interventies gemeten bij ouderen, niet-Westerse sociale groepen, immigranten en personen met een psychische stoornis.
Guruge S, Wang AZ, Jayasuriya-Illesinghe V, Sidani S. (2016). Knowing so much, yet knowing so little: a scoping review of interventions that address the stigma of mental illness in the Canadian context. Psychol Health Med. Jun 4, 1-17.
Trefwoord: Destigmatisering

Meta-analyse: psychosociale interventies voor geïnternaliseerd stigma bij schizofreniespectrum stoornis veelbelovend
Personen met een schizofreniespectrum stoornis ervaren meer geïnternaliseerd stigma (zelfstigma) dan anderen met een ernstige psychische aandoening. Geïnternaliseerd stigma bij schizofrenie wordt o.a. gekenmerkt door ontevredenheid met sociale relaties, hoge mate van stereotypering, terugtrekgedrag en vervreemding. In deze Engelse systematische review en meta-analyse (n=12) werden methodologisch sterke studies opgespoord en beoordeeld waarin de effectiviteit van een psychosociale interventie ter vermindering van zelfstigma bij deelnemers met een schizofreniespectrum stoornis werd gemeten. De kwaliteit van de studies werd beoordeeld met de Effective Public Health Practice Project (EPHPP). Er werden 7 RCT’s, 2 CT’s en 3 Cohort Studies (CS’s) geïncludeerd. In de meeste studies werd Cognitieve Gedragstherapie (CGT), psycho-educatie of sociale vaardigheidstraining als psychosociale interventie gebruikt. De primaire uitkomstmaat (mate van geïnternaliseerd stigma) werd met verschillende meetinstrumenten gemeten, terwijl volgens de auteurs de Internalised Stigma of Mental Illness (ISMI) schaal het construct zelfstigma het beste meet. Secundaire uitkomstmaten waren: gevoel van eigenwaarde, copingvaardigheden, empowerment en functioneren. In de meta-analyse van de 5 RCT’s (N=200) werden geen significante verschillen in geïnternaliseerd stigma tussen de twee groepen gevonden, hoewel de analyse erop wijst dat de psychosociale interventie positieve effecten heeft (Hedges’s g 0.24, 95%BI -0.06-+0.53, p=0.11). Psychosociale zelfstigma interventies zijn ook bij schizofreniespectrum diagnoses veelbelovend.
Wood L, Byrne R, Varese F, Morrison AP. (2016). Psychosocial interventions for internalised stigma in people with a schizophrenia-spectrum diagnosis: A systematic narrative synthesis and meta-analysis. Schizophr Res. 176(2-3), 291-303.
Trefwoord: Destigmatisering

Cognitieve Therapie is een veelbelovende interventie ter vermindering van geïnternaliseerd stigma bij personen met psychose
Personen met een psychose kunnen veel last hebben van stigma. Stigma heeft twee dimensies: publiek stigma en geïnternaliseerd stigma (zelf-stigma). Publiek stigma bestaat uit: negatieve houdingen, stereotype opvattingen en discriminatoir gedrag. Zelf-stigma is het internaliseren van deze componenten. Er zijn nog maar weinig interventies bekend gericht op het verminderen van zelf-stigma bij personen met een psychose. In deze Britse studie (N=29; CT=15, TAU=14) werd een speciaal ontwikkelde Cognitieve Therapie-interventie (CT) in een pilot RCT getest op haalbaarheid en acceptabiliteit. De CT-interventie bestond uit 12 sessies van een uur over een periode van 4 maanden. De deelnemers moesten een score van boven de 60 hebben op de Internalised Stigma of Mental Illness Scale-Revised (ISMI-R). Deze primaire uitkomstmaat werd op baseline, na 4 en 7 maanden afgenomen. De secundaire uitkomstmaten waren: Semi-Structured Interview Measure of Stigma (SIMS), de Process of Recovery Questionnaire (QPR), de Beck Depression Inventory for Primary Care (BDI-), de Beck Hopelessness Scale (BHS), de Social Interaction Anxiety Scale (SIAS), de Self-Esteem Rating Scale-Short (SERS-S) en de Internalised Shame Scale (ISS). De CT-interventie bleek haalbaar en acceptabel voor de meeste deelnemers. Echter, er bleken geen significante verschillen in de primaire uitkomstmaat (ISMI-R score) tussen de CT-groep en de controlegroep, noch na de behandeling, noch na follow-up. Er werden wel significante verschillen ten gunste van de interventie gevonden voor enkele secundaire uitkomstmaten: geïnternaliseerde schaamte (ISS), depressie (BDI-7), hopeloosheid (BHS) en zelf gerapporteerd herstel (QPR). De CT-interventie is veelbelovend.
Morrison AP, Burke E, Murphy E, Pyle M, Bowe S, Varese F, Dunn G, Chapman N, Hutton P, Welford M, Wood LJ. (2016). Cognitive therapy for internalised stigma in people experiencing psychosis: A pilot randomised controlled trial. Psychiatry Res. 240, 96-102.
Trefwoord: Destigmatisering

Nationale antistigma campagnes in Engeland, Zweden en Canada hebben positieve veranderingen in gang gezet
In dit themanummer met 9 artikelen worden de verschillende resultaten van de nationale antistigma campagnes Time to Change in Engeland (2008-2015), Opening Minds in Canada (vanaf 2009) en Hjärnkoll in Zweden (2010-2014) besproken. Vijf bijdragen gaan over Engeland, twee over Canada en één over Zweden. In alle drie de programma’s is gebruik gemaakt van het in contact brengen met personen met een psychisch probleem, óf via direct contact (face to face), óf via indirect contact met video’s. Het Zweedse en het Engelse programma hebben gebruik gemaakt van zowel massamediale sociale martketing campagnes als van lokale initiatieven gericht op specifieke doelgroepen. In Canada is begonnen met initiatieven gericht op specifieke doelgroepen die worden opgeschaald naar nationaal niveau. Uit de evaluaties komt naar voren dat zowel de programma’s die op de hele bevolking als de programma’s die op specifieke doelgroepen zijn gericht op het nationale niveau effectief kunnen zijn. Uit de verschillende onderzoeken blijkt dat mannen en vrouwen verschillend reageren op de antistigma campagnes. Er wordt gesuggereerd gender-specifieke benaderingen van stigma vermindering te ontwikkelen. De positieve veranderingen in de houding van het publiek hebben vooral te maken met een vermindering van de ervaren discriminatie door mensen met wie de personen met een psychische stoornis een informele band hebben (vrienden, familie e.d.). Dit staat in contrast met gerapporteerde ervaringen van discriminatie in de somatische gezondheidszorg, bij uitkeringsinstanties en bij huisvestingsbureaus. Er zijn veranderingen op organisatorisch niveau noodzakelijk.
Uit de Engelse surveys kwam naar voren dat de ervaren discriminatie tussen 2008 en 2014 significant was verminderd. De deelnemers hebben duidelijk aangegeven dat discriminatie een negatieve impact heeft op hun geestelijke gezondheid. Tussen 2009 en 2015 zijn in het kader van de Time To Change campagne verbeteringen gemeten op de gebieden publieke kennis, publieke houding en sociale afstand. In Canada is de antistigma campagne waarbij middelbare scholieren in contact komen met leeftijdsgenoten met psychische problemen veelbelovend. De Zweedse Hjärnkoll-campagne heeft bijgedragen tot een toename van de mental health literacy d.i. kennis en opvattingen over psychische stoornissen die bijdragen aan hun herkenning, management en preventie.
Henderson C, Hamilton S, Corker E, Osumili B, Rhydderch D, Hansson L et al (2016). Lessons from the results of three national antistigma programmes. Acta Psychiatr Scand. 134 Suppl 446, 3-79 [Themanummer met 9 artikelen].
Trefwoord: Destigmatisering

Voorlichting die nadruk legt op continuüm tussen psychisch gezond zijn en psychische stoornissen doet stigma verminderen
In de afgelopen 25 jaar is de houding in de samenleving ten opzichte van personen met psychische stoornissen (depressie, alcoholafhankelijkheid, schizofrenie) niet verbeterd. De anti-stigma strategieën hebben een nieuwe impuls nodig. Een mogelijk succesvolle aanpak zou er uit kunnen bestaan de continuïteit tussen geestelijke gezondheid en psychische stoornissen te benadrukken. In deze Duitse studie (n=1679) werd in een online survey aan de respondenten ad random een tekst voorgelegd óf over het continuüm model óf over dat er een strikte scheiding is tussen psychische gezondheid en psychische stoornissen óf geen tekst. Vervolgens kregen de respondenten ad random een vignet van een casus van een vrouw die symptomen had van een ernstige depressie of acute schizofrenie (zonder diagnose te noemen). Daarna werd aan de respondenten gevraagd of ze de beschreven problemen op een continuüm van gezond naar ziek vonden liggen óf dat ze de persoon in het vignet fundamenteel anders vonden. Gemeten werd ook: verlangen naar sociale afstand en negatieve stereotyperingen ten aanzien van de persoon in het vignet. De gegevens werden bewerkt met behulp van factor analyses,  multiple lineaire regressie analyses en structural equation models. Het bleek dat in vergelijking met de groep die geen tekst kreeg, het lezen van de continuüm tekst het waargenomen fundamentele verschil verminderde (-0.19 SD, p=0.001), de sociale acceptatie verbeterde (0.18 SD, p=0.003) en het toeschrijven van schuld aan de stoornis verminderde (-0.18 SD, p=0.05). Deze effecten werden voor 25% à 26% gemedieerd door het geloof in een continuüm. Continuüm boodschappen zijn veelbelovend voor anti-stigma campagnes.
Schomerus G, Angermeyer MC, Baumeister SE, Stolzenburg S, Link BG, Phelan JC. (2016). An online intervention using information on the mental health-mental illness continuum to reduce stigma. Eur Psychiatry. 32, 21-7.
Trefwoord: Destigmatisering

Stigma voor schizofrenie neemt af als er goede voorlichting wordt gegeven over de werking van behandelingen
De anti-stigma strategie die schizofrenie vooral aan een biologische oorzaak toeschrijft, heeft vaak averechts effect gehad (meer gevaar toekennen en pessimistisch over de prognose). Men krijgt dan de indruk dat schizofrenie een biologisch vastgelegd onveranderbaar fenomeen is. De meeste experts zijn het erover eens dat het geven van op herstel gebaseerde informatie wel helpt het stigma te verminderen. In deze Duitse studie werd getest wat de anti-stigma effecten zijn van korte educatieve interventies over antipsychotica (n=71), Cognitieve Gedragstherapie (CGT) (n=62) en Psychodynamische behandeling (n=57). De deelnemers van deze online studie werden via sociale media geworven en vormen niet een representatieve steekproef. De interventie bestond uit: 1. Korte tekst over de symptomen van schizofrenie; 2. Een vignet; 3. Het lezen van één van de drie informatieve teksten over de behandeling van een psychose (medicatie, CGT of psychodynamische therapie). Vóór en na de interventie werden de Stereotype-questionnaire (meet gevaarlijkheid, eigen schuld, onvoorspelbaarheid en prognostisch pessimisme) afgenomen en drie emotionele reacties (angst, boosheid en sympathie) ten aanzien van personen met schizofrenie gemeten. Het bleek dat de percepties van gevaarlijkheid (t(177)=-3.72), onvoorspelbaarheid (t(177=-2.25) en angst (t(177)=-2.07) bij de lezers van alle drie de informatieve teksten afnamen. Het prognostisch pessimisme was alleen afgenomen bij degenen die de CGT-informatie hadden gelezen. Het verstekken van informatie over behandelingen is een veelbelovende manier om stigma tegen te gaan.
Schlier B, Lange P, Wiese S, Wirth A, Lincoln T. (2016). The effect of educational information about treatments for schizophrenia on stigmatizing perceptions. J Behav Ther Exp Psychiatry. 52, 11-6.
Trefwoord: Destigmatisering

Systematische review: anti-stigma interventies op de werkplek kunnen effectief zijn
Stigma is nog steeds een obstakel om hulp voor psychische problemen te zoeken. De werkplek wordt steeds vaker als doel gezien voor het geven van voorlichting over geestelijke gezondheid. Dit is de eerste systematische review (Duits-Brits-Canadees) naar de effectiviteit van anti-stigma interventies op de werkvloer waarbij veranderingen in kennis over psychische problemen, houding ten opzichte van personen met een psychisch probleem of concreet gedrag ten aanzien van collega’s met een psychisch probleem gemeten werden. Er werden 16 studies geïncludeerd: alleen RCT’s (5) en quasi-experimentele studies (11) met een kwantitatieve evaluatie. Omdat er grote verschillen zaten in de gebruikte methodologie en de uitkomstdata kon er geen meta-analyse, maar wel een narratieve synthese, uitgevoerd worden. Het grootste deel van de studies was in de publieke sector uitgevoerd. Acht studies beoordeelden de impact van een Mental Health First Aid (MHFA) training op stigma. De andere interventies bestonden uit rollenspel, online training, psycho-educatie, workshops of crisisinterventietraining. Bij 10 van 11 studies die verandering in het domein ‘kennis’ tot doel hadden, nam de kennis over geestelijke gezondheid inderdaad toe. Bij slechts 9 van de 14 studies die verandering in het domein ‘houding’ tot doel hadden, werden veranderingen in de houding gemeten. Voor het domein ‘gedrag’ gold dat voor 11 van de 11 studies. Omdat er geen follow-up metingen plaatsvonden moeten deze uitkomsten met de nodige voorzichtigheid geïnterpreteerd worden. Anti-stigma interventies op de werkvloer kunnen positieve effecten hebben.
Hanisch SE, Twomey CD, Szeto AC, Birner UW, Nowak D, Sabariego C. (2016). The effectiveness of interventions targeting the stigma of mental illness at the workplace: a systematic review. BMC Psychiatry. 16:1.
Trefwoord: Destigmatisering

De Mental Health First Aid (MHFA)-training ook in Denemarken effectief
De Mental Health First Aid (MHFA)-training, de eerste hulp bij psychische klachten training, is in 2001 in Australië ontwikkeld. De MHFA is erg geschikt voor professionals die in hun beroepsuitoefening te maken krijgen met mensen met psychische problemen. In deze Deense RCT (n totaal=369) werd onderzocht of de MHFA-training ook in de Deense context tot meer vertrouwen in het geven van hulp aan personen met een psychisch probleem die men in de kader van het werk ontmoet (collega’s en klanten) leidt. De deelnemers werden geworven in overheidsinstellingen, private ondernemingen en NGO’s. De interventiegroep (n=173) kreeg de MHFA-cursus, die in 12 uur over 2 dagen verdeeld gegeven wordt, in groepen van maximaal 20 personen aangeboden. Vóór de training en na 6 maanden werden bij de interventie- en de controlegroep (die 6 maanden op de wachtlijst voor de training stond; n=196) vragenlijsten afgenomen. In deze zelfrapportage vragenlijsten werd met name gevraagd naar vertrouwen met omgaan met personen met psychische problemen, werden vragen gesteld over vignetten waarin depressie en schizofrenie worden beschreven en werd een sociale afstandsschaal afgenomen. Na 6 maanden werden er significante verschillen gevonden tussen werknemers die een MHFA-training hadden gevolgd en de controlegroep op de items vertrouwen in het maken van contact met (Cohen’s d=0.17), vertrouwen in praten met (Cohen’s d=.18) en vertrouwen in het geven van hulp aan (Cohen’s d=0.31) personen die lijden aan een psychische stoornis. Er werden geen verschillen gevonden in het daadwerkelijk hulp bieden. Bij de deelnemers nam ook de kennis over depressie en schizofrenie flink toe. Ook in Denemarken is de MHFA-training effectief.
Jensen KB, Morthorst BR, Vendsborg PB, Hjorthøj C, Nordentoft M. (2016). Effectiveness of Mental Health First Aid training in Denmark: a randomized trial in waitlist design. Soc Psychiatry Psychiatr Epidemiol. 51(4), 597-606.
Trefwoord: Destigmatisering

Na lessenserie over psychische problemen is bij middelbare scholieren kennis toegenomen en stigma afgenomen
In Canada is de Mental Health and High School Curriculum Guide (de Curriculum Guide) voor de hoogste klassen van de middelbare school ontwikkeld om de Mental Health Literacy (MHL; de ‘geestelijke gezondheidsvaardigheden’) te vergroten. MHL wordt omschreven als “kennis en opvattingen over psychische stoornissen die bijdragen aan hun herkenning, management en preventie”. In deze Canadese RCT werd de effectiviteit van de Curriculum Guide geëvalueerd op 24 middelbare scholen bij in totaal 534 leerlingen, waarvan 362 leerlingen het Curriculum (interventiegroep) en 172 leerlingen de gewone lessen kregen (TAU-groep). Er werden 23 leraren getraind om de Curriculum te kunnen geven. Het geven van de Curriculum Guide kostte 6 lesuren. Alle deelnemende leerlingen moesten vóór en na de lessenserie vragenlijsten invullen waarmee kennis en houding ten opzichte van psychische stoornissen en stigma werden gemeten. Statistische analyses werden gedaan met behulp van multilevel modellen (MLM-analyses). Bijna alle docenten gaven aan dat de inhoud van de lessenserie relevant was en aansloot bij de belevingswereld van de leerlingen. De gemiddelde leeftijd van de leerlingen was 16,5 jaar. Uit de MLM-analyses kwam naar voren dat er in de interventiegroep een significante positieve verandering in de stigma-score was (p=.001) na het Curriculum. Ook de kennisscores gingen na de lessenserie significant vooruit (p=.001). In de controlegroep (TAU-groep) werden geen significante veranderingen met betrekking tot stigma of kennis gevonden. Ook bleek dat een toename in kennis een toename in een positieve houding ten opzichte van geestelijke gezondheid voorspelde. De Curriculum Guide is effectief in het vergroten van de MHL bij middelbare scholieren.
Milin R, Kutcher S, Lewis SP, Walker S, Wei Y, Ferrill N, Armstrong MA. (2016). Impact of a Mental Health Curriculum on Knowledge and Stigma Among High School Students: A Randomized Controlled Trial. J Am Acad Child Adolesc Psychiatry. 55(5), 383-391.
Trefwoord: Destigmatisering

Stigmabestrijding in de gezondheidszorg moet gebaseerd zijn op de principes van humanistische ontwikkelingsmodellen
Stigma werkt op structureel, interpersoonlijk en intra-persoonlijk niveau. Ook in de gezondheidszorg komt stigma en discriminatie ten aanzien van personen met psychische problemen veelvuldig voor. In dit theoretische Canadese artikel wordt op grond van een analyse van de literatuur een aantal theoretische overwegingen geformuleerd die leidend zouden moeten zijn bij het ontwerpen en implementeren van anti-stigma interventies in de gezondheidszorg. Uitgangspunt moet zijn een methodologische aanpak waarbij de mens centraal staat. Er moet gebruik worden gemaakt van: 1. Effectieve benaderingen uit bestaande evidentie. Omdat hulpverleners patiënten op hun slechts meemaken, geloven ze niet vaak in herstel. Ook de meer ongelijke hulpverlener-patiënt verhouding kan stigma bestendigen. Training om op gelijkwaardige wijze contact te maken kan al helpen. 2. Er moet aandacht zijn voor de verschillende leerstijlen en behoeftes van de hulpverleners. Van belang is het onderscheid tussen bewuste en onbewuste leerbehoeftes. Hierbij kan de stadia-van-verandering theorie nuttig zijn. 3. Er moet ook aandacht zijn voor verschillen op groepsniveau. Verschillende beroepsgroepen hebben verschillende niveaus van stigma. De anti-stigma interventies hebben meer succes als ze op een specifieke doelgroep zijn afgestemd. In de humanistische onderzoeksmethode is er focus op cruciale etnografische elementen zoals houding, gedrag en cultuur. De anti-stigma strategie zal de volgende kenmerken moeten hebben: ecologische validiteit; begrip waarom bepaalde groep stigma laat zien; nieuwsgierigheid, optimisme en experimenteren met prototypes van interventies; samenwerking tussen allerlei disciplines.
Ungar T, Knaak S, Szeto AC. (2016). Theoretical and Practical Considerations for Combating Mental Illness Stigma in Health Care. Community Ment Health J. 52(3), 262-71.
Trefwoord: Destigmatisering

Bij personen met risico op psychose leidt zelf-etikettering en stigma stress tot een verhoogde suïcidale ideatie
Volgens de labeling- of etiketteringstheorie lopen personen die het label ‘psychische stoornis’ opgeplakt krijgen groot risico op stigma en discriminatie. Jongeren met vroege tekenen van psychose kunnen zichzelf soms labelen als ‘geestesziek’ met als gevolg dat ze zich uit het sociale leven terugtrekken en dat hun zelfvertrouwen afneemt. Stigma stress treedt op als het ervaren stigma groter is dan wat men aankan. In deze Duitse studie (n=172) werd onderzocht of self-labeling en stigma stress suïcidale ideatie voorspellen bij jongeren (13-35 jaar) met een risico op een psychose. Suïcidale ideatie en depressieve symptomen werden gemeten met de Hamilton Rating Scale for Depression (HRSD), de inschatting van stigma als stressor met de Stigma Stress Scale, sociaal isolement met de Survey of Recent Life Experiences. Ook werd de Positive and Negative Syndrome Scale (PANNS) afgenomen. De data werden geanalyseerd met bivariate correlaties en padanalyses. Het bleek dat zichzelf het etiket van ‘geesteszieke’ opplakken (self-labeling) geassocieerd werd met suïcidaliteit, zowel direct als indirect via sociaal isolement. Meer stigma stress was gerelateerd met sociaal isolement, dat op zijn beurt geassocieerd werd met weinig zelfvertrouwen, depressie en suïcidale ideatie. Het verband tussen stigma stress en suïcidale ideatie werd volledig gemedieerd door sociaal isolement. Voor jongeren met een risico op een psychose is suïcide preventie gebaat bij programma’s gericht op de vermindering van het publieke stigma ten aanzien van psychose als bij programma’s die gericht zijn op een niet-stigmatiserende wijze met de eigen stoornis te leren omgaan.
Xu Z, Müller M, Heekeren K, Theodoridou A, Metzler S, Dvorsky D, Oexle N, Walitza S, Rössler W, Rüsch N. (2016). Pathways between stigma and suicidal ideation among people at risk of psychosis. Schizophr Res. 172 (1-3), 184-8.
Trefwoord: Destigmatisering

Psycho-educatie blijkt meest veelbelovende interventie bij verminderen van zelf-stigma
Geïnternaliseerd stigma, of zelfstigma, is het proces waarbij een persoon stigmatiserende opvattingen uit de samenleving over o.a. psychische stoornissen overneemt en als eigen gedachten gaat beschouwen. Naar schatting 42% van de personen met een ernstige psychische aandoening (EPA) leidt aan zelfstigma. Een hoge mate van zelfstigma hangt samen gevoelens van hopeloosheid, weinig zelfvertrouwen, verminderde zelfeffectiviteit en kan zo het herstelproces vertragen. In deze Chinese systematische review en meta-analyse werd gezocht naar RCT’s en klinische of experimentele trials naar de effectiviteit van therapeutische interventies ter vermindering van zelfstigma bij EPA. De gepoolde effecten werden zoveel mogelijk Standardized Mean Difference (SMDs) uitgerekend. Er werden in totaal 14 studies voor de uitgebreide review geïncludeerd: 7 RCT’s, 3 gecontroleerde trials en 4 ongecontroleerde studies. Voor een meta-analyse kwamen 5 studies in aanmerking. Zelfstigma werd gemeten met: Internalized Stigma of Mental Illness (ISMI) of de Self-stigma of Mental Illness Scale (SSMIS) of de Chinese Self-stigma of Mental Illness Scale (CSSMIS) of de Link Perceived Stigma Questionnaire (LPSQ). Uit de meta-analyse van 5 studies waarbij psychosociale interventies werden ingezet bleek de gepoolde SMD -0.43; p=0.003. Dit is een klein tot matig effect. Vier studies hadden positieve uitkomsten voor psycho-educatie: gepoold hadden deze een klein tot matig effect (SMD=-0.40; p=0.001). Psycho-educatie is de meest veelbelovende interventie voor verminderen van zelf-stigma. Twee innovatieve interventies zouden beter bestudeerd moeten worden: Coming Out Proud en Photovoice.
Tsang HW, Ching SC, Tang KH, Lam HT, Law PY, Wan CN. (2016). Therapeutic intervention for internalized stigma of severe mental illness: A systematic review and meta-analysis. Schizophr Res. 173 (1-2), 45-53.
Trefwoord: Destigmatisering

Anti-stigma-educatie op middelbare scholen is gebaat bij ervaringsdeskundigen die bewust en goed voorbereid in contact kunnen gaan met de leerlingen
Deze Canadese studie vond plaats onder auspiciën van het Opening Minds anti-stigma initiatief dat in 2009 door de Canadese Mental Health Commission werd gelanceerd. Uit de evaluatie van 18 educatieve anti-stigma programma’s op middelbare scholen die allen gebaseerd waren op het inzetten van een ervaringsdeskundige die vertelde over zijn ervaringen (soms via een video-opname) kwamen zeer verschillende resultaten, van negatieve tot positieve effecten op stigmatiserende houding, zoals gemeten met de Stereotypical Attitude Scale en de Social Acceptance Scale. Doel van dit onderzoek was om de kritische domeinen van de programma’s op te sporen: waarom zijn sommige programma’s effectiever dan andere? Eerst werd informatie over de programma’s verzameld via interviews en observaties. Daarna werden de kritische domeinen geconstrueerd en vervolgens gevalideerd. Als overkoepelend thema kwam naar voren: ‘betrokken contact verminderd stigma’. De drie belangrijkste constructen waren: de kenmerken van de spreker, de wijze waarop de boodschap gebracht wordt en de wijze waarop de interactie vorm wordt gegeven. De ervaringsdeskundige spreker moet volledig hersteld zijn en zijn/haar persoonlijke verhaal willen delen. De spreker moet opgeleid worden voor spreken in het openbaar, goed voorbereid zijn op de doelgroep (scholieren) en als een rolmodel herstel verpersoonlijken. Van groot belang is dat de spreker geen bestaande stereotypen over psychiatrische patiënten bevestigd. De herstelboodschap moet helder worden gebracht, misvattingen over psychiatrische stoornissen en de ggz moeten door de spreker kunnen worden rechtgezet en de studenten moeten na de voordracht toegang kunnen krijgen tot andere bronnen (o.a. websites).
Chen SP, Koller M, Krupa T, Stuart H. (2015). Contact in the Classroom: Developing a Program Model for Youth Mental Health Contact-Based Anti-stigma Education. Community Ment Health J. Online: 2015 Oct 1.
Trefwoord: Destigmatisering

Ervaren stigma heeft invloed op de mate van herstel en dat wordt gemedieerd door de mate van hopeloosheid en gevoelens van eigenwaarde
Uit onderzoek is gebleken dat de mate van zelfvertrouwen en hopeloosheid invloed kan hebben op de symptomen van schizofrenie en op de het subjectief ervaren gevoel van herstel (recovery). In deze Britse studie (n=80; schizofrenie) werd onderzocht of er op de korte en de lange termijn een verband is tussen stigma en objectieve en subjectieve uitkomsten van herstel en of als dat verband gevonden wordt, dat verband gemedieerd wordt door zelfvertrouwen en hopeloosheid. Op baseline en na 6 maanden werden afgenomen: de Positive and Negative Syndrome Scale (PANSS) (meet symptomen, objectief herstel) en de Process of Recovery Questionnaire (QPR) (meet subjectief ervaren herstel). Alleen op baseline werden afgenomen: de King Stigma Scale (KSS) (meet mate van ervaren stigma), de Beck Hopelessness Scale (BHS) en de Self-Esteem Rating Scale (SERS). Er werden lineaire en multiple regressie analyses uitgevoerd. Op baseline bleek dat de mate van stigma zowel het symptomatische als het subjectieve herstel voorspelde, en het effect van stigma op deze uitkomsten werd gemedieerd door hopeloosheid en zelfvertrouwen. Analyse van de data gemeten na 6 maanden bevestigde het verband tussen stigma en subjectief en objectief herstel. Er werd echter weinig teruggevonden van de invloed van hopeloosheid en zelfvertrouwen: alleen bleek het effect van stigma op sociaal terugtrekgedrag (gemeten met de PANSS) gemedieerd door zelfvertrouwen. Om de gevolgen van stigma tegen te gaan wordt aangeraden om al in een vroeg stadium bij personen met psychoses via Cognitieve Gedragstherapie te werken aan de vermindering van geïnternaliseerd stigma.
Vass V, Morrison AP, Law H, Dudley J, Taylor P, Bennett KM, Bentall RP. (2015).How stigma impacts on people with psychosis: The mediating effect of self-esteem and hopelessness on subjective recovery and psychotic experiences. Psychiatry Res. 230 (2), 487-95.
Trefwoord: Destigmatisering

Uit synthese van de evidentie blijkt dat anti-stigma interventies op de langere termijn een matig effect op kennis en een gering effect op houding hebben
Deze Engelse systematische review naar de effectiviteit van anti-stigma interventies werd ondernomen omdat de auteurs ontevreden waren over de focus van bestaande systematische reviews op korte termijn effecten en hoge inkomenslanden. In deze review werd een synthese van de bestaande evidentie gemaakt gericht op de effecten op de langere termijn (minimaal 4 weken) en in de context van lage- en middeninkomens landen (LMIL). Er werden alleen studies meegenomen waarin twee meetmomenten waren en waarbij ten minste één stigma-uitkomstmaat op het gebied van kennis, houding of gedrag werd gemeten. Zoveel mogelijk werden de verschillen tussen de interventie- en de controlegroepen uitgerekend in de effectmaat standardised mean differences (SMD). Negatieve SMD’s duiden op vermindering van stigma (houding). Er werden 80 kwantitatieve studies met 422.653 deelnemers in deze review meegenomen, waarvan 72 over lange termijn effectiviteit en 11 over LMIL. Bij 21 studies konden de SMD’s worden uitgerekend. Bij die 21 studies nam de SMD voor kennis met 0.54 toe (=matig) en/of de stigmatiserende houding met -0.26 af (=gering). Voor gedragsveranderingen konden geen SMD’s worden berekend. Belangrijke anti-stigma studies waren gericht op speciale doelgroepen: militairen, scholieren, studenten, hulpverleners, algemene publiek en/of mensen met psychische problemen. Opmerkelijk is de uitkomst dat de interventies waarbij directe of indirect sociaal contact een essentieel onderdeel van de interventie was op de langere termijn niet effectiever waren dan andere interventies. Er is behoefte aan methodologisch robuuste studies.
Mehta N, Clement S, Marcus E, Stona AC, Bezborodovs N, Evans-Lacko S, Palacios J, Docherty M, Barley E, Rose D, Koschorke M, Shidhaye R, Henderson C, Thornicroft G (2015). Evidence for effective interventions to reduce mental health-related stigma and discrimination in the medium and long term: systematic review. Br J Psychiatry 207(5), 377-84.
Trefwoord: Destigmatisering

Van de studenten met psychische problemen willen vooral degenen die zich met die problemen identificeren openheid geven over die problemen
Er zijn aanwijzingen dat openheid geven over het hebben van een psychisch probleem stigma bij volwassenen zou kunnen verminderen. Het programma Coming Out Proud to Erase the Stigma of Mental Illness is mede door de eerste auteur van dit artikel ontwikkeld om deelnemers op een verantwoorde wijze te leren openheid te geven. In deze Amerikaanse studie werd onderzocht of openheid geven ook het stigma zou kunnen verminderen bij studenten in het hoger onderwijs (n=1393). Onderzocht werd de relatie tussen identificatie met het psychisch probleem, schaamte, verborgen houden, publiek stigma en openheid geven. Mate van stress, identificeren en schamen voor een psychisch probleem werd met behulp van elk één vraag gemeten. Daarnaast werden afgenomen: de Secrecy Scale, de Disclosure Scale en de Join Program Scale. Met behulp van structural equation modeling werden twee pad-analyses gemaakt om op te sporen door welke factoren openheid geven voorspeld wordt. Het bleek dat 60% van de deelnemers recent stress hadden ervaren, maar slechts 12% vond van zichzelf dat ze psychische problemen had. 15,2% van de deelnemers onderschreef het idee om openheid over hun problemen te geven en 16,3% zou willen deelnemen aan een programma als Coming Out Proud. Daar staat tegenover dat 21,2% hun psychische probleem geheim wilde houden. Uit de pad-analyses kwam naar voren dat er een grote associatie is tussen openheid willen geven en identificatie met het psychisch probleem. Opmerkelijk was dat mannen en blanken er duidelijk meer voor voelden om openheid te geven dan de andere groepen. Programma’s zoals Coming Out Proud zouden ook voor sommige groepen studenten nuttig kunnen zijn.
Corrigan PW, Kosyluk KA, Markowitz F, Brown RL, Conlon B, Rees J, Rosenberg J, Ellefson S, Al-Khouja M. (2015). Mental illness stigma and disclosure in college students. J Ment Health. Online: 2015 Nov 26:1-7.
Trefwoord: Destigmatisering

Eerste hulp bij psychische klachten (MHFA) is waardevol voor toename van kennis over geestelijke gezondheid en bestrijding van stigma in de samenleving
De Mental Health First Aid (MHFA)-training, de eerste hulp bij psychische klachten training, is in 2000 in Australië ontwikkeld en vervolgens in vele Westerse landen overgenomen (o.a. Canada, Ierland, USA, Singapore – en zeer recent ook in Nederland: http://www.mhfa.nl/). In deze column wordt kort besproken wat MHFA inhoudt en wat de belangrijkste uitkomsten van enkele evaluaties zijn. De MHFA-training is voor het algemene publiek maar met name geschikt voor professionals die in hun beroepsuitoefening te maken krijgen met mensen met psychische klachten (zoals politieagenten, brandweerlieden en leraren). De cursus duurt in totaal 12 uur. De meest voorkomende stoornissen komen aan de orde: depressie, suïcidaal gedrag, angststoornissen, middelengebruik en psychotische stoornissen. Het idee is dat de kennis, de houding en het hulpgedrag van de deelnemers verbetert en dat de symptomen van psychische stoornissen beter geduid worden. Uit een samenvatting van 17 evaluaties (uit 2011) kwamen o.a. de volgende uitkomsten: bij de deelnemers was het stigma en de sociale afstand ten opzichte van mensen met psychische stoornissen verminderd; de verschillende stoornissen werden beter herkend; men was positiever over de mogelijkheden van herstel; de deelnemers hadden meer vertrouwen in hun hulpvaardigheden en konden mensen met problemen adviseren professionele hulp te zoeken. Hoe meer mensen een MHFA-training volgen hoe groter de kennis van de geestelijke gezondheid in de samenleving.
Cleary M, Horsfall J, Escott P. (2015). The Value of Mental Health First Aid Training. Issues Ment Health Nurs. 36(11), 924-6. Trefwoord: Destigmatisering