Kennis delen over herstel, behandeling en
participatie bij ernstige psychische aandoeningen

 

Lezingen Herstel en Filosofie in 2019

 

De tweede lezingenmiddag: 1 november 2019

Tijd: 14.00 uur tot 17.00 uur (inloop vanaf 13.30 uur)

Plaats: De Zalen van Zeven, Boothstraat 7, Utrecht

Sprekers

Anne Speckens, hoogleraar psychiatrie Radboud Universiteit met als leeropdracht stemmings- en angststoornissen. Zij initieert en superviseert wetenschappelijk onderzoek naar de klinische effectiviteit en het werkingsmechanisme van mindfulness voor patiënten met psychische aandoeningen, lichamelijke ziekten en werkers in de gezondheidszorg zelf.

Kwok Wong, psychiater bij GGzE, neemt deel aan het POD-team en zoekt via mindfulness verdieping in aandacht, luisteren en daardoor echt contact maken met cliënten, naasten en medewerkers.

Kosten

Deelnameprijs: €65,-
Gereduceerd tarief: €25,- (bij een maandinkomen van €1.025 of lager)

Inschrijving

U kunt zich inschrijven via het inschrijfformulier.

 


Verslag lezingen 17 mei 2019

Op 17 mei vond de eerste lezingenmiddag plaats. Het onderwerp was: Trage vragen, wijsheid en herstel. Op deze middag spraken Harry Kunneman en Leni Tas.

Leni Tas zette in zijn lezing ‘Wijzer worden in de waanzin’ uiteen hoe trage vragen kunnen helpen om de innerlijke verbinding te herstellen die in de waanzinnige – al dan niet psychotische – ervaringen verstoord geraakt is.
Socrates kende traagheid al een grote waarde toe bij het verkrijgen van zelfkennis en van datgene dat waarlijk goed en schoon is. Zonder aandacht voor lenitas – traagheid, zachtheid –hollen we gemakkelijk aan onszelf voorbij, raken we verstrikt in ons eigen web van denken en doen. De voeling met het goede is dan ver te zoeken. Door stil te durven vallen in de aporie – het niet weten, het dode punt, de vraag zonder antwoord – kunnen we weer voeling krijgen met de stroom van het goede die zich alleen in een open bewustzijn aan kan dienen.
Leni Tas grijpt op deze wijsheid terug in zijn verkenningen om uit de greep van de psychotische ervaringen los te komen en weer te kunnen openen naar de stroom van het goede. Kenmerkend aan de psychotische ervaringen is niet zozeer een gebrek aan realiteitszin maar eerder een gebrek aan twijfel. Met een gebrek aan twijfel zit het ‘dikke ik’ zichzelf in de weg, verheft zich boven zichzelf, treedt in de eigen schaduw. Dat kan oplopen tot een volledige aporie, een vastzitten zonder uitweg. En juist dat biedt ook altijd de kans om met de trage vragen op zoek te gaan naar de wijsheid.
Al hortend en stotend kan ik weer het eigen bewustzijn openen voor de stroom van het goede met trage vragen als: wat is nu mijn ware behoefte, wat kan ik wel zelf, met wie kan ik wel een warm contact aangaan, en niet in de laatste plaats: hoe kan ik worden die ik ben? Dat vraagt niet alleen een cognitieve verkenning maar ook de ontwikkeling van een lichamelijk bewustzijn. Verwijzend naar onder andere de inzichten van Harry Kunneman en de filosoof Otto Duintjer benadrukt Leni Tas de noodzaak van een meditatief proces om deze trage vragen aan te gaan. Op de twee benen van vraag en antwoord kan de weg gelopen worden naar een innerlijk gewaarzijn van het eigen open bewustzijn. Het vraagt om stil te durven staan bij het niet weten, bij de lichamelijke gewaarwordingen. Opgeleid als filosofisch practicus bepleit Leni Tas een plek voor begeleiding bij trage vragen in de psychiatrische hulpverlening om kennis te verwerven van wat waarlijk goed en mooi is. In de waanzin zitten altijd de aanknopingspunten voor de trage vragen en voor het ontwikkelen van zelfkennis en wijsheid.

Harry Kunneman vervolgde met zijn lezing ‘Het centrum van het lied en het gat van de wanhoop’.
Centrale stelling: Herstel vraagt om meervoudige gezelschapsvorming. Wat is dat en hoe realiseer je het?
Kunneman ontvouwt dit In vijf stappen.
De eerste stap is te gaan zien dat ook allerlei dingen die wij niet meteen begrijpen van onszelf of de ander – wanen, psychische ontwrichting etc. –  een vorm van psychisch werk is: een actieve en passieve. En dat juist omdat het zo moeilijk toegankelijk is het vaak met name door de omgeving wordt verworpen, afgekeurd, ziek verklaard. De eerste stap is om na te gaan denken hoe je op dat wat minder toegankelijk is kunt afstemmen in plaats van het te blokkeren.
De tweede stap om te zien dat de professionele kennis in de ggz naast helpend ook een blokkade kan zijn als je uitsluitend deze ‘hoge-grondkennis’ benut en je afsluit van de moerassigheid van het ‘wanenwerk’ maar ook van je eigen moerassigheid. Juist de combinatie van beide is nodig: durven en kunnen afdalen in de moerassigheid, anders raak je bevangen in de machteloosheid van de hoge grond kennis.
Stap 3 is het bevorderen van reflexieve leerprocessen op de eigen professionele normativiteit en de machteloze bevangenheid binnen de ggz maar ook de maatschappelijke machtsverhoudingen en te leren afstemmen op werk dat deugt en deugd doet.
Stap 4 is het gaan zien dat dit niet een eenrichtingsverkeer is van de hulpverlener naar de cliënt maar dat het om een dialogische ambachtelijkheid gaat (Richard Sennett). Goed werk van relatievorming is een vorm van liefde en zorgzaamheid. Soms, als alles klopt en samenkomt kan een mens het centrum van het lied ervaren. Dat kan in muziek, literatuur, kunst, gezelschap, natuur etc. Het is niet maakbaar, het kan je hooguit overkomen, het is een geschenk. En juist daarom roept het ontroering op. Je kan je wel toewijden en de ontvankelijkheid ervoor vergroten. Als je het ervaren hebt, kan je het altijd omcirkelen; je kan ook ervaren dat het soms heel ver weg is.
Je kan het centrum van het lied ook ervaren in de waan! (Kusters). Dat wordt meestentijds in de ggz ontkend. Maar evengoed kan het centrum van het lied nauw verwant zijn met het gat van de wanhoop. Dan wordt het centrum een gat waar je in ten onder kan gaan. En juist daar is het zo moeilijk om verbinding te maken.
Stap 5. Er zijn drie vormen van goed gezelschap: goed gezelschap met jezelf zijn, goed gezelschap met mensen met vergelijkbare ervaringen en ten derde goed gezelschap met hulpverleners. En juist dat is heel moeilijk met name omdat zij zich zo begeven op de hoge grond en daardoor het gat van de wanhoop afsluiten maar evenzogoed het centrum van het lied niet bereiken. De grote kans is voor de ggz gelegen in de toevoeging van de ervaringsdeskundigen die uit ervaring weten kunnen bijdragen aan goede gezelschapsvorming met cliënten en met hulpverleners.

Harry Kunneman is filosoof en socioloog en voorheen als docent verbonden aan de Universiteit van Amsterdam en als hoogleraar aan de Universiteit van Humanistiek.

Leni Tas studeerde Humanistiek en volgde de Beroepsopleiding tot Filosofisch Practicus te Leusden en is schrijver. In 2018 verscheen diens gedichtenbundel De Canon van Traagheid: Filosofische gedichten en essay Traagheid in de Filosofische Praktijkvoering: Een filosofisch essay.

Achtergrond lezingen

In deze reeks lezingen rond het thema Herstel en Filosofie kijken diverse sprekers  vanuit een filosofische invalshoek naar de betekenis van het begrip ‘herstel’.
In de geestelijke gezondheidszorg wordt al langere tijd aan herstelondersteunende zorg gewerkt. Het begrip ‘herstel’ heeft gezorgd voor een vernieuwende kijk op psychisch leed. Ervaringskennis en eigen regie zijn hierbij belangrijke, veelgebruikte begrippen. Maar gebruikers van de zorg vragen juist ook meer aandacht voor zingeving en existentiële vragen. In de praktijk komen deze weinig aan bod, temeer omdat opvattingen over wat zingeving en existentiële vragen zijn, uiteenlopen. Vaak wordt over iets als ‘spiritualiteit’ gesproken, maar wat hiermee precies bedoeld wordt, blijft vaak onduidelijk.
Vragen over zingeving en existentie behoren bij uitstek tot het domein van de filosofie. Van oudsher is er een verbinding tussen psychiatrie en filosofie rond de vraag: wat is de mens? In de lezingenreeks Herstel en Filosofie bediscussiëren we de dominante, medische benadering en proberen we spiritualiteit te integreren in het denken over psychisch leed en de ggz.

Filosofie bij Herstelondersteuning

De lezingen uit de reeks Herstel en Filosofie van 2017 en 2018 werden gebundeld in de uitgave:
Filosofie bij Herstelondersteuning: Opnieuw denken over geestelijke gezondheid

Met bijdragen van Bert van den Bergh, Dienke Boertien, Joeri Calsius, Sanne van Driel, Age Niels Holstein, Wouter Kusters, Paul Moyaert, Henk Oosterling, Awee Prins, Rob Sips en Gerard Visser.

Bestellen

U kunt dit boek bestellen via het bestelformulier.
Levertijd is 10 werkdagen.

Kosten zijn € 22,95 inclusief verzendkosten binnen Nederland.