Home Woordenboek

FUNCTIONERINGSGERICHTE REHABILITATIE: WEER BAAS WORDEN OVER JE EIGEN BESTAAN id-186-414

Bron
Congresreader 7-12-2004
Rehabilitatie als maatschap

Auteur
Paul J.H. Andreoli,

Contact
Stichting Constructionele Gedragsanalyse,
p/a Hoofdweg 32,
8537 SE Echten

Argumenten vóór Functioneringsgerichte Rehabilitatie (FR)
De kern van FR
De kansrijke omgeving
De rol van de hulpverlener
FR: een visie die aanstuurt!

In Nederland wordt vanuit verschillende rehabilitatie visies gewerkt. Als je de missies van die verschillende benaderingen leest ontlopen ze elkaar niet veel. Alle benaderingen zijn erop gericht het functioneren van de cliënt te optimaliseren, zodat de cliënt kan leven in een zo normaal mogelijke omgeving, met zo min mogelijk professionele hulp. In de dagelijkse uitvoering blijkt bovendien sprake van een mix van toepassingen uit de diverse benaderingen: succesvolle interventies vinden vaak als ‘best practices’ navolging. En het mag gezegd worden: de zorg voor mensen die van langdurige zorg afhankelijk zijn heeft de laatste jaren een flinke kwaliteitsslag gemaakt. Waarom dan met een nieuwe rehabilitatie variant op de proppen komen? Krijgen we niet oude wijn uit nieuwe zakken geoffreerd?

Argumenten vóór Functioneringsgerichte Rehabilitatie (FR)

  • FR begint bij de voordeur. De hulpverlening neigt er nog steeds toe om eerst klachten en stoornissen te verhelpen en pas in tweede instantie het gezonde functioneren weer in ere te herstellen. FR richt zich van meet af aan en voortdurend op het gezonde functioneren. Daarnaast kan het ook nodig zijn om gelijktijdig de last van lichamelijke en geestelijke stoornissen, beperkingen en handicaps zoveel mogelijk te verminderen of nieuwe dingen te leren, te trainen of te ervaren. Het oplossen van problemen of het ontwikkelen van vaardigheden worden echter altijd getoetst aan de mate waarin deze interventies bijdragen aan de kwaliteit van het leven zoals dat wordt beleefd door de cliënt zelf.
  • FR is voor iedereen en overal toepasbaar. Er bestaan geen uitsluitingscriteria, hulpverleneronmacht wordt nooit afgewenteld op de cliënt. De functioneringsgerichte benadering gaat er vanuit dat ieder mens mogelijkheden in zich heeft om de kwaliteit van zijn bestaan te beïnvloeden, zelfs wanneer er sprake is van ernstige geestelijke en lichamelijke gezondheidsproblemen en zelfs als cliënten bij het benutten van die mogelijkheden volledig aangewezen zijn op de hulp van anderen. Cliënten kunnen vaak ver van hun gezonde functioneringsmogelijkheden zijn afgeraakt. Hun klachten en problemen beheersen vaak hun leven: in plaats van functioneren is er veeleer sprake van ‘overleven’. De cliënt probeert de ontregeling zoveel mogelijk buiten de deur te houden en sleept zich door het leven mét zijn klachten en deze minimale overlevingsstijl als enig houvast. Zolang de hulpverlenende omgeving niet in staat is om de cliënt tot functioneren te krijgen dient deze uit nood geboren handhavingswijze gerespecteerd te worden: de cliënt voorkomt daarmee immers vaak verdere ontregeling. Tegelijkertijd echter dienen hulpverleners door te gaan met zoeken naar mogelijkheden om hun therapeutische onmacht te door breken.
  • FR richt zich op de omgeving,de cliënt kan blijven wie hij is:een persoon die enerzijds is aangewezen op wat hij aan talenten en vaardigheden in zich heeft (inclusief eventuele, al of niet verworven, onvolkomenheden, die zijn mogelijkheden kunnen beperken) en anderzijds op wat zich om hem heen aan mogelijkheden voordoet. Cliënten zijn in dit samenspel met hun omgeving zodanig vastgelopen dat zij niet meer in voldoende mate in staat zijn hun eigen welbevinden op peil te houden.

 

De kern van FR

 

FR richt zich op het vergroten en/of weer herstellen van de mogelijkheden van cliënt om zelf de kwaliteit van het bestaan te beïnvloeden, ook wanneer hij daarbij blijft aangewezen op de zorg, begeleiding en ondersteuning van anderen. Doel is dat de cliënt kan functioneren naar eigen tevredenheid in situaties van zoveel als mogelijk eigen keuze. Functioneren staat daarbij voor dát doen en laten waarbij de persoon zich goed, veilig en in orde voelt: het doen en laten waarmee iemand zijn eigen welbevinden bewaakt, zich handhaaft in het leven van alle dag. Welbevinden heeft betrekking op het je ‘in orde’ voelen als persoon: je de moeite waard voelen, bestaansrecht voelen, mogen zijn zoals je bent. Alleen de persoon zélf kan oordelen of iets wel dan niet bijdraagt aan zijn welbevinden: hij is de enige die het voelt! Dit houdt in dat voor zover mogelijk de cliënt zélf bepaalt: aan welke zorg behoefte bestaat, op welk moment en op welke manier én welke zaken bijdragen aan zijn eigen welbevinden. Uiteindelijk is het de cliënt zélf die als enige kan aangeven waarvan hij het moet hebben om zich als persoon in orde te voelen.

De kansrijke omgeving

Cliënten hebben een kansrijke omgeving nodig waarin zij uit de voeten kunnen met hun persoonlijke, gezonde functioneringsmogelijkheden: een omgeving waarin wat te zoeken, te doen en te beleven valt. Het gaat daarbij vooral om doen en laten waarbij de cliënt zich in orde voelt als persoon: zich de moeite waard voelt. Het doen van leuke en plezierige dingen maakt hiervan slechts beperkt deel uit, het heeft vooral betrekking op functioneren waarbij de persoon ‘uit de verf komt’ in het leven van alledag.

De rol van de hulpverlener

Binnen de FR bestaat de rol van de hulpverlener uit het mét de cliënt op zoek gaan naar waar hij het van moet hebben om zich weer als mens de moeite waard te voelen. Deze actieve rol van de hulpverlener betekent niet alleen er voor zorgen dat de cliënt bezig blijft met de juiste dingen ‘zoeken’ en ‘doen’, maar ook er voor zorgen dat er wat te zoeken, te vinden en te doen is. Dit kan voorzover de leefomgeving (thuis of in een instelling) als een ‘kansrijke omgeving’ is of wordt vorm gegeven. Dit is een omgeving die zoveel mogelijk aansluit bij de algemene cultuur het meest kansrijk: in die cultuur hebben de meeste mensen immers hun eigen persoonsgebonden wijze van het eigen welbevinden bewaken ontwikkeld. Een kansrijke omgeving is een omgeving die ruimte biedt voor eigen keuzes. Een omgeving waarin de cliënt de gelegenheid krijgt om een eigen aanpak te vinden voor wat er gebeuren moet óf voor wat hij geacht of gevraagd wordt te doen; een omgeving waarin ook persoonlijke aanknopingspunten aanwezig zijn. De cliënt moet dus de gelegenheid én de mogelijkheden krijgen om dingen op te pakken en weer te laten vallen, waardoor hij zelf kan ontdekken, aan den lijve ondervinden, waar hij het in deze fase van zijn leven van moet hebben.

FR: een visie die aanstuurt!

In de praktijk blijkt functioneringsgerichte rehabilitatie een visie te zijn waarbinnen de gebruikte begrippen concreet, gemakkelijk te begrijpen én waarneembaar zijn, waardoor ze door iedereen op een zelfde manier kunnen worden uitgelegd. De ontwikkelde functioneringsgerichte methodieken zijn geen geprotocolleerde handelingsvoorschriften, maar kaders waarbinnen de hulpverlener zijn talenten en vaardigheden, kortom zíjn functioneringsmogelijkheden, kan afstemmen op wat de cliënt nodig heeft.

Laatst aangepast (maandag, 09 augustus 2010 16:39)